Gen F

Join onze community en krijg extra toegang tot artikelen, deel jouw verhaal & ...
© Jerry Wang via Unsplash

Vier vrouwen trekken aan de alarmbel en getuigen over de laaiende crisis in de crèches.

Suzanne (35): ‘Dat typische vrouwenberoepen ondergewaardeerd worden in onze maatschappij is iets om over na te denken’

Al sinds een halfjaar is het drama in de crèches. Er is een groot probleem met de lage lonen en het gebrek aan erkenning. Alleen al in België zou één opvoeder voor negen kindjes zorgen. In Nederland zijn dat er gemiddeld drie. Daarom trekken deze vier kinderbegeleiders aan de alarmbel en getuigen ze over de laaiende crisis in de crèches.

Marthe (27)

Marthe moest de deuren van haar crèche sluiten door het nijpende tekort aan personeel.

‘Ik heb Het Wazenaartje overgenomen van mijn mama, die de crèche opstartte. We waren een kleine, gezellige kinderopvang met drie begeleidsters. Toen ik net zwanger was, is een van mijn medewerksters gestopt. Ze stapte over naar een andere sector. Op dat moment was ik nog niet in paniek. Ik besefte niet hoe erg het personeelstekort was, tot we een vacature online zetten. Daar kwam bijna geen reactie op. Toen ik ging kijken op de website van VDAB, zag ik dat die bomvol vacatures voor kinderverzorgers staat. Ik denk dat we in al die maanden slechts drie sollicitanten hebben gehad. De meesten struikelen over het zelfstandigenstatuut. Er zijn zoveel open vacatures in de kinderzorg, waaronder jobs in het kleuteronderwijs met alle voordelen die daarbij horen, dat niemand er de nadelen van het zelfstandigenbestaan bij wil nemen. Een kinderverzorgster moet namelijk stoppen met werken zodra ze zwanger is. Als zelfstandige word je daar niet voor vergoed. Maar het grote probleem is dat veel minder jongeren in de sector stappen. Het is gewoon te zwaar werk geworden, zowel fysiek als mentaal.

Hoofd boven water

‘Ik heb er alles aan gedaan om open te kunnen blijven: briefjes bij de bakker en in de supermarkt opgehangen, alle opleidingscentra gebeld… Het heeft niet mogen baten. Onze enige overgebleven begeleidster stond er tijdens mijn zwangerschap alleen voor. Dat was te zwaar, dus is ook zij gestopt. We konden niet anders dan de deuren sluiten. Heel wat ouders huilden toen we vertelden over de sluiting. Ook zij vinden het vreselijk. Ik ben niet per se kwaad. Ik voel me eerder in de steek gelaten, vooral tijdens de coronacrisis. Het was de eerste keer dat ik hoorde dat kinderverzorgers niet tot de zorg behoren. Als wij geen zorg zijn, wat dan wel? We zijn altijd open moeten blijven, maar werden niet prioritair gevaccineerd. De coronacrisis heeft heel wat kinderverzorgers gekraakt.

Ik heb dit werk altijd met veel liefde gedaan, maar als je het gevoel hebt dat je constant moet vechten om het hoofd boven water te houden… Je zou voor minder de handdoek in de ring gooien.

‘Ik was van plan om nu wat tijd voor mezelf te nemen, aangezien het allemaal ontploft is op het moment dat ik zwanger werd. Maar ik heb vernomen dat ik geen uitkering krijg als zelfstandige, dus bij de pakken blijven neerzitten is geen optie. Ik weet niet of ik nog in deze sector wil werken. De werkdruk is immers enorm. Ik kwam ’s avonds heel vaak met een slecht gevoel thuis omdat ik het idee had dat ik niets voor de kindjes had kunnen doen. Er is gewoon geen tijd om te bieden wat je wil bieden. Ik zag er dan nog op toe dat we nooit aan achttien kindjes per dag zaten, wat het toegelaten aantal is in België. Ik probeerde het op maximaal veertien kindjes te houden, maar dan is het financieel knokken. Ik heb dit werk altijd met veel liefde gedaan, maar als je het gevoel hebt dat je constant moet vechten om het hoofd boven water te houden… Je zou voor minder de handdoek in de ring gooien.’

Suzanne (35)

Suzanne zag de verzorgsters die mee haar dochter opvoeden bezwijken onder de hoge werkdruk.

‘De crècheleiders in de opvang van mijn dochter waren twee erg leuke vrouwen. Vaak bleef ik even plakken om met hen te babbelen. Ik merkte heel snel aan wat ze vertelden dat hun job te zwaar was en dat ze die waarschijnlijk niet zouden volhouden. Dat is ook gebleken, want ze zijn allebei gestopt. Eentje van hen wil nooit meer in een opvang werken, terwijl ze een fantastische crècheleidster was. Ze deed leuke dingen met de kinderen en had goede ideeën over wat je allemaal in de eerste levensfase kan doen qua pedagogische spelletjes en knutselopdrachten. Maar ze was gewoon totaal overwerkt. Dat was erg droevig om te zien. Als moeder wil je dat je kind gelukkig is in de crèche, maar je wil ook dat de vrouwen die hen mee opvoeden dat zijn.’

Kinderverzorgers zijn een stuk onzichtbaarder, en dat is misschien wel het grootste probleem, terwijl ze in het leven van heel wat mensen de allerbelangrijkste zorgverleners zijn.

‘Ik snap wel dat ze het niet volhouden. Het lijkt me echt een gestoorde job. Als je zelf veel tijd doorbrengt met iemand van anderhalf à twee jaar, weet je hoeveel werk het kan zijn. En dat dan met zo’n grote groep kinderen… Ik vind het iets om over na te denken dat vaak de typische vrouwenberoepen ondergewaardeerd worden in onze maatschappij. Mensen denken dat het “maar” voor kinderen zorgen is, terwijl het een superbelangrijke baan is. Ik vind het extra pijnlijk als ouders zelf blind zijn voor de werkdruk in de crèches. Zij komen hun kind ophalen en vragen: “Waarom heeft mijn zoon een verkeerde broek aan? Waarom heeft ie niet gedronken?” Zulke opmerkingen komen hard aan bij iemand die de hele dag probeert om het schip drijvende te houden. Het zou veel transparanter moeten zijn hoe zwaar en belangrijk deze job is, maar kinderverzorgers kunnen niet zoals boeren met hun tractoren de weg blokkeren en de aandacht van politici trekken. Ze zijn een stuk onzichtbaarder, en dat is misschien wel het grootste probleem, terwijl ze in het leven van heel wat mensen de allerbelangrijkste zorgverleners zijn.

Als actrice en theatermaakster schreef Suzanne een mooi monoloog over de situatie. Die kan je hieronder bekijken.

Evelien (31)

Evelien stapte na drie jaar uit de kinderzorg omdat ze ongelukkig werd van de toestand in de crèches.

‘Ik was achttien toen ik als kinderbegeleidster begon te werken. Na een jaar in een lagere school maakte ik de overstap naar de kinderopvang. Op een gegeven moment had ik een collega die ouder was dan 55, een leeftijd waarop de medewerkers in een kinderopvang wekelijks een extra verlofdag krijgen om de job draaglijk te houden. Helemaal terecht, maar dat betekende wel dat ik er op die dagen alleen voor stond met vijftien peuters, terwijl we met zijn tweeën al amper aan iets anders toekwamen dan luiers verversen en eten geven. Een groep van vijftien peuters kan je niet alleen laten, zelfs niet om naar de wc te gaan. Ik weet nog dat ik geregeld blaasontstekingen had door mijn plas steeds op te houden. In het begin dacht ik dat die manier van werken normaal was, dat dat was hoe het hoort in een crèche. Maar toen ik me ging verdiepen in het belang van hechting en ontwikkeling, besefte ik hoezeer ik de kindjes tekortdeed. Knuffelen is in de kinderopvang van vandaag een luxe waar amper tijd voor is, terwijl dat voor een kind een basisbehoefte is. Eens ik wist hoe belangrijk de dingen waren die wij de kindjes niet konden geven, heb ik de knop nooit meer om kunnen draaien. Dat besef maakte me erg ongelukkig.’

Over zoveel kindjes waken is een onverantwoorde situatie. Wanneer er een ongeval in een opvang gebeurt, vragen mensen zich af hoe de begeleider niets gezien kan hebben in plaats van zich af te vragen waarom zoiets precies gebeurt.

‘Doordat ik zo ongelukkig en voortdurend gespannen was, reageerde ik sneller kortaf tegen de kindjes, waarop ik me nog schuldiger en dus nog slechter voelde. Het was een vicieuze cirkel. De angst dat er op een dag iets ergs zou gebeuren, maakte dat ik op was van de stress. Eén persoon die over zoveel kindjes moet waken, dat is absoluut een onveilige en onverantwoorde situatie. Wanneer er een ongeval in een opvang gebeurt, gaan mensen snel roepen dat crèches beter gecontroleerd moeten worden. Ze vragen zich af hoe de begeleider niets gezien kan hebben in plaats van zich af te vragen waarom zoiets precies gebeurt. Niemand kan immers te allen tijde acht of meer kinderen in het oog houden. Na drie jaar kreeg ik een andere job aangeboden en ben ik gestopt in de kinderopvang, maar het kriebelt nog altijd. Kinderbegeleider was mijn droomjob, maar de omstandigheden maken die onhoudbaar. Ik droom er nog steeds van om ooit een crèche volgens mijn visie te openen, met meer aandacht voor hechting en ontwikkeling. Maar met de huidige maatregelen is dat gewoon niet mogelijk.’

Marthe (28)

Marthe werkt in een crèche waar een verhouding van zeven kindjes per begeleider wordt gehanteerd.

‘Ik werk sinds zes jaar in een kleine crèche waar we dagelijks met drie begeleidsters voor achttien kindjes zorgen. Dankzij ons beleid en het feit dat we ondersteund worden door een pedagoog en supervisoren, is de situatie hier doenbaarder dan in heel wat andere crèches. Vooral de kleinschalige kinderopvang heeft het zwaar. De situatie daar is echt niet oké, al zal je kinderbegeleiders niet snel horen klagen. Wij zeggen altijd: “Het komt wel goed, wij fiksen dat.” Dan denk ik: ja, maar moet dat? En hoe? Ik denk niet dat je er goed aan doet om gewoon maar te blijven doorgaan. Je raakt overprikkeld, en hoe meer overprikkeld je zelf bent, hoe meer de kinderen dat zullen zijn.’

Ik denk niet dat je er goed aan doet om gewoon maar te blijven doorgaan. Je raakt overprikkeld, en hoe meer overprikkeld je zelf bent, hoe meer de kinderen dat zullen zijn.

‘Ondanks de voordelen in onze crèche merkte ik al snel dat ook hier zo veel meer uit de opvang gehaald zou kunnen worden. Essentiële dingen blijven liggen omdat we te veel bezig moeten zijn met de dagelijkse werking. We zouden heel graag leuke activiteiten voorbereiden die inspelen op de ontwikkeling van de kindjes. Niet alleen knutselen, maar bijvoorbeeld ook eens naar buiten gaan en een parcours doen. Maar daar is zo weinig tijd voor. Zelfs iets simpels als een kroon maken voor een verjaardag lukt amper omdat er meteen tien kindjes rond je staan die willen “helpen”. We zouden voor elk kind tweemaal per jaar een soort van rapportering moeten invullen over waar het kind staat op verschillende vlakken: taal, motoriek, betrokkenheid, enzovoort. Dat lukt nu niet, terwijl dat zo belangrijk is.’

Ik ben heel fier op wat wij dagelijks bereiken, maar als we extra tijd of personeel zouden hebben, kon er nog zoveel meer gedaan worden. Als je ’t mij vraagt, is de ratio van achttien kinderen voor twee begeleidsters nadelig voor de ontwikkeling van de kinderen. Neem nu crèches met veel baby’s die op hetzelfde moment honger krijgen. Soms worden die kindjes met vijf op een rijtje gezet en geeft een begeleider hen allemaal tegelijkertijd eten. Dat zal je bij ons nooit zien gebeuren. Het eetmoment moet een-op-een zijn, zodat het kind de nodige aandacht krijgt. Tijdens een eetmoment kan je namelijk extra inzetten op de taal- en motorische ontwikkeling. Als een kind bijvoorbeeld aanstalten maakt om zelf een lepel vast te nemen, pikken wij dat op. Met een beleid van negen kindjes per verzorger kan je zulke dingen niet verwachten. Dat kunnen de verzorgers niet bolwerken. Kinderen die erg aanwezig of misschien heel stout zijn, zullen in zo’n beleid de nodige aandacht krijgen. Kindjes die van nature rustiger zijn en meer houden van een-op-eencontact, blijven helaas achter. Ik doe mijn job heel graag. Je kan als verzorgster immers veel betekenen voor kinderen. Bovendien blijft de crèche voor mij een van de mooiste en tofste plaatsen om op te groeien. Maar negen kindjes per begeleider is écht te veel, zeker als je er zo weinig voor wordt betaald. Je moet dit met veel liefde doen, want voor het geld laat je ’t beter. Je kan leven van ons loon, maar mag niet materialistisch zijn en niet te veel uit eten willen. Volgens mij begint alles bij hoe de samenleving naar ons werk kijkt. Daar ontbreekt respect, begrip en erkenning. Logisch dat jongeren er niet aan willen beginnen.’

Lees ook:

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

FLAIR STORIES

Partner Content

' ' ' '