Gen F

Join onze community en krijg extra toegang tot artikelen, deel jouw verhaal & ...

Anemone Valcke en Nabil Mallat spelen de hoofdrollen in 'Cool Abdoul', een heerlijke Gentse film over het tumultueuze leven van bokslegende Ismaïl Abdoul.

Nabil Mallat: ‘Iedereen vindt Ismaïl écht een topkerel, ook al gaf hij ze misschien een mep. Dat zegt genoeg.’

Jolien Meremans

Met zijn eerste langspeelfilm ‘Cool Abdoul’ brengt Jonas Baeckeland het woelige leven van Gents boksfenomeen Ismaïl Abdoul in beeld. Een heftige en bovenal gelaagde film met een romantische ondertoon, onder andere te danken aan hoofdrolspelers Nabil Mallat en Anemone Valcke.

‘Cool Abdoul’ is een semifictief allegaartje van gebeurtenissen die bokslegende Ismaïl Abdoul tekenden. En bovenal een ode aan zijn vrouw Charlotte, Sylvie in de film, die hem naar eigen zeggen zachtjes kneedde tot de man die hij vandaag is én waar hij ook trots op is. ‘Mijn leven is al zó onrealistisch geweest dat het bijna onmogelijk is om het realistisch in beeld te brengen. Ik heb vier keer in de gevangenis gezeten, ben neergeschoten, neergestoken,…’, vertelt Isamaïl. ‘Er zijn dus wel een aantal dingen aangepast. Maar een ding moesten ze zéker wel respecteren: mijn vrouw.’ Wij spraken met hem én hoofdrolspelers Nabil Mallat en Anemone Valcke over de film, (zelf)liefde, Gent, vallen en weer opstaan en het leven.

Ismaïl, je hebt de film intussen gezien. Wat vind je ervan?

Ismaïl: ‘Het is overdreven mooi gedaan, veel mooier dan in mijn stoutste dromen. De boodschap die ik met de film wilde verspreiden is ook duidelijk: iederéén kan veranderen, als je maar wil veranderen.’

Vind je het niet moeilijk om bepaalde zaken te herbeleven?

Ismaïl: ‘In de film zijn veel dingen aangepast, maar de pijn die ik bij sommige scènes voelde is onbeschrijfelijk. Mijn vrouw had schrik dat de film slechte dingen naar boven zou brengen, ze was er in eerste instantie zelfs een beetje tegen. Maar Jonas (Baeckeland, de regisseur, red.) heeft mij uiteindelijk gespaard (lacht). Ik ben zelden emotioneel, maar tijdens het kijken heb ik toch wat traantjes weggepinkt.’

Anemone en Nabil, kenden jullie Ismaïl eigenlijk?

Anemone: ‘Ik wist wel wie hij was. Vroeger ging ik zelfs regelmatig uit met zijn neven. Hij was toen vooral een bekende gast in het nachtleven, dus er werd wel regelmatig over hem verteld en geroddeld. Dat is Gent natuurlijk hé (gniffelt). Maar daar stopte het ook wel. Meer wist ik niet over hem.’

De boodschap die ik met de film wilde verspreiden is duidelijk: iederéén kan veranderen, als je maar wil veranderen.

Ismaïl Abdoul

Nabil: ‘Ik kende hem van horen en zien. Een aantal van mijn vrienden zijn samen met hem opgegroeid in Gent. Toen ik vertelde dat ik hem ging vertolken, was de meest voorkomende reactie: “(in het Gents) Ah Ismaïl, da ne goeie gast, maar ‘k heb wel een lap gekregen van hem.” En pas op: iedereen vindt hem ook écht een goede gast, ook al hebben ze een lap van hem gekregen. Dat zegt genoeg.’

Jij komt van Antwerpen. Wat was moeilijker: Gents oefenen of leren boksen?

Nabil: ‘Ik kan op twee vlakken door de mand vallen. Met mijn Gents via audio en met boks via beeld. Dat zorgde wel voor wat stress. Ik ben polyglot, maar in dit geval was het moeilijk, omdat ik een accent moest leren van een taal die ik al kende. Ik heb vier maanden elke dag bokstraining en taalcoaching gevolgd. Ik ben niet het type persoon dat met de eer wil gaan lopen, dus bij deze: mijn bokscoach was Carlos Schram en mijn taalcoach was Rabah Besseghir.’

Anemone, jij bent geboren en getogen in Gent. Maakte dat dat het voor jou makkelijker was om je in te leven in Sylvie?

Anemone: ‘Dat zal wel zijn voordelen hebben gehad, maar ik heb eigenlijk voor de eerste keer in mijn leven geëxperimenteerd met dialect. Ik wilde van haar iemand maken die van de Gentse rand komt. En ik ken Gent als mijn broekzak, dus het is altijd wel leuk om een thuismatch te spelen. Ik herken mijn jongere zelf ook wel een beetje in haar: ik ging ook graag uit in Gent en werd toen ook weleens verliefd ’s nachts (lacht).’

En die handtastelijkheden in het nachtleven, is dat ook iets wat je herkent?

‘Helaas wel. Ik heb als jong meisje heel veel mannen moeten wegduwen in de club.’

Ze laat zich wel niet doen en staat altijd haar vrouwtje. Is dat iets wat jij in het echte leven ook doet?

Anemone: ‘Goh, ik probeer vooral mijn grenzen aan te geven. Dat heb ik vroeger te weinig gedaan. Je leert het als kind ook niet om neen te zeggen, maar zij durft echt wel voor zichzelf te kiezen. Charlotte was ook in het echte leven altijd de persoon die Ismaïl weer met zijn beide voetjes op de grond zette.’

Klopt dat, Ismaïl?

Ismaïl: ‘Absoluut. Zij heeft mij gemaakt tot de man die ik vandaag ben. Zij is altijd mijn steunpilaar geweest, no matter what. Ze heeft altijd het mooie in mij gezien, en niet de macho met de dikke kettingen om zijn hals. Dat was is ik niet, en dat wist zij.’

Ondanks dat ze in de film een beetje aan het verdwalen is, blijft Sylvie wel altijd dicht bij zichzelf.

Anemone Valcke

Zou jij ook zo vergevingsgezind zijn, Anemone?

Anemone: ‘In hun geval wel, omdat ze hem gewoon zó graag ziet. Hij gaat ook nooit over háár grenzen. Hij manipuleert of kleineert haar niet. Het is echt wel duidelijk dat hij haar graag ziet. Ik zou misschien weleens denken: stomme gast (lacht). Maar ik zou hem denk ik ook wel vergeven.’

Heeft ze veel self-love, denk je?

Anemone: ‘Ja, eigenlijk wel. Ze worstelt duidelijk ook een beetje met zichzelf, maar soms ben je gewoon aan het zoeken. Eigenlijk blijf je altijd zoeken naar wie je bent. En dat is normaal, want je groeit ook. Maar ondanks dat Sylvie in de film een beetje aan het verdwalen is, blijft ze wel altijd dicht bij zichzelf.’

Vonden jullie het, ondanks dat er heel wat fictie aan werd toegevoegd, dan toch belangrijk om de zege van Charlotte en Ismaïl te krijgen?

Anemone: ‘Tuurlijk, je vertelt iemand zijn levensverhaal! Zij zitten ook in de zaal hé. Je toont een bepaalde intimiteit en het is zo fijn als zij daar zelf achterstaan. Dan denk ik: oh yes, ik ben zo blij dat ik een acteur ben en dat ik hen dat kan geven.’

Het mooie aan fictie is dat je van gedehumaniseerde personages weer mensen kan maken.

Nabil Mallat

Nabil: ‘Ja, héél belangrijk. Ik had stress! Als je iemand speelt, is die meestal al dood (lacht). Maar nu had ik ergens toch wel schrik dat ik hem of zijn vrouw of zijn boks of zijn familie zou beledigen. Het mooie aan fictie is dat je van gedehumaniseerde personages weer mensen kan maken. En dat is bij Ismaïl heel hard het geval. Heel wat artikels doen uitschijnen dat hij een rotte kerel is, maar ik heb geen rotte kerel gezien. Ik heb wel een verloren gast gezien, iemand die door de verkeerde mensen gesteund is geweest. Ik hoop dat we dat mooi hebben kunnen weergeven.’

Kan jij jezelf dan ook herkennen in zijn personage?

Nabil: ‘Heel hard zelfs. Ik kan zelfs toegeven dat ik bij een bepaalde scène niet aan het acteren was en dat het niet Ismaïl, maar 1000 procent Nabil is die je daar ziet. Ik heb een personage kunnen samenstellen waar iedereen ergens wel begrip voor kan tonen. Je hoeft zeker niet noodzakelijk een criminele bokser te zijn om je erin te herkennen. En als je je niet in hem herkent, dan wel in Sylvie, in de coach of in zijn broer.’

Zijn er levenswijsheden die jullie van Ismaïl of Charlotte geleerd hebben?

Anemone: ‘Ja: durf te vechten, en dan bedoel ik niet in de boksring. Soms ga je als koppel door heel diepe dalen. Als je kiest voor een lange relatie, wéét je gewoon dat je elkaar op een bepaald moment weleens pijn zal doen. Ismaïl en Charlotte maakten al zoveel mee samen, maar vochten altijd voor elkaar, dat is iets wat niet vaak meer gebeurt.’

Nabil: ‘Ik vind het ook heel mooi hoe loyaal ze zijn gebleven. Dat zij er nog staat na alles wat hij heeft meegemaakt. Mensen gaan voor veel minder uit elkaar. Ze is altijd blijven geloven in zijn verandering, en dat is zo schoon.’

‘Cool Abdoul’ speelt vanaf vandaag in de bioscoop.

Lees ook:

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content

' ' ' '