https://api.mijnmagazines.be/packages/navigation/

Gen F

Join onze community en krijg extra toegang tot artikelen, deel jouw verhaal & ...
© © Catherine Kosters

Catherine bezocht de paardenrenbaan in Oostende en was lichtjes overdressed.

COLUMN: ‘Mijn flaphoed steekt eenzaam af tegen een zee van roodgeblakerde hoofden en foute petjes’

Catherine houdt van haar lief, hotelbedden en ketchup. Tot de dag dat zelfspot een olympische discipline wordt, deelt ze hier elke week haar avonturen.


‘Komaan, Lady Wulfruna! Go, go, go!’ Ik sta wild te roepen en te gebaren naar een onbekend paard in de verte, terwijl de mensenmenigte me vreemd aankijkt. Hoewel ik me op de tribune van een paardenrenbaan bevind, wordt luidkeels supporteren hier schijnbaar niet aangemoedigd. Of de reactie op mijn enthousiasme heeft te maken met het feit dat Lady Wulfruna helemaal niet meeloopt in deze race, dat kan natuurlijk ook. Maar daarover later meer.

Als kind droomde ik al van een bezoek aan de paardenrennen: de volbloeden, de hoeden, de weddenschappen! Ik moet hieraan toevoegen dat ik op jonge leeftijd reeds een lichte gokverslaving had ontwikkeld, gevoed door mijn vader, die me in zijn stamkroeg af en toe een zakcentje toestak om op de gokkast te spelen. (Lees: om van mij verlost te zijn.) De combinatie van het kleurrijke fruit en het geluid van klaterend kleingeld maakte mijn kinderhartje zielsgelukkig.

Wat blijkt helaas: Oostende is Waregem niet, laat staan Royal Ascot.


Mijn liefde voor het kansspel is door de jaren heen gelukkig ietwat afgenomen vanwege meer financiële verantwoordelijkheid en minder zakgeld. (Lees: geen.) Mijn liefde voor chique hoofddeksels en stijlvolle outfits is dan weer sterk toegenomen. Daarom sta ik hier op deze tribune te schreeuwen in mijn hoogsteigen interpretatie van de derby-look: gebloemde bloes, wijde witte pantalon, blauwe muiltjes én mijn allergrootste hoed – op een sombrero na.

Wat blijkt helaas: Oostende is Waregem niet, laat staan Royal Ascot. Het merendeel van het publiek lijkt recht van de dijk te komen, gekleed in een simpele short en T-shirt. Mijn flaphoed steekt eenzaam af tegen een zee van roodgeblakerde hoofden en foute petjes. De prijs van een ticket – € 8 en inbegrepen bij mijn hotelovernachting – had misschien een indicatie kunnen zijn van de dresscode op dit evenement, maar mijn motto luidt: ‘Beter over- dan underdressed.’

Het motto van de overige toeschouwers neigt op dit moment eerder richting: ‘Wie denkt zij wel niet dat ze is?’ Het stijlniveau mag dan teleurstellend zijn, de sport is dat niet. De wedstrijden zijn nog spannender dan ik dacht. Zeker wanneer míjn paard op kop komt. Nummer drie, Lady Wulfruna, door mij uitgekozen omwille van haar adellijke titel, laat de kudde achter zich en schiet pijlsnel richting finish.

Een stem schalt door de boxen: ‘En de winnaar is nummer drie… Ceres!’ Ik heb niet alleen op het verkeerde paard gewed, maar op de verkeerde race. Een die pas uren later zal plaatsvinden. Daar gaat mijn geloofwaardigheid. My lady staat wellicht nog rustig in de stal te grazen. En ik? Ik eet m’n hoed op.

 

Deze column verscheen in Flair op 1 augustus 2017.


Meer columns van Catherine:

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content