Home Columns NANNY IN NEW YORK: de metro, de koffer en het onvermogen

NANNY IN NEW YORK: de metro, de koffer en het onvermogen

'En opeens reden we over water. Water. We horen geen water over te steken. Wat is er over water? Brooklyn, New Jersey, Afrika.'

‘Je gaat zes maanden in New York wonen en werken als nanny.’ Twaalf woorden. Meer waren er niet nodig om haar leven een volledig andere wending te geven. Jade Decoster verhuisde een jaar geleden naar New York om daar als nanny te werken in een gezin met twee jongens. Elke week vertelt ze haar avonturen en verhalen aan Flair.

Toen De Moeder op een dinsdagavond thuiskwam, schoot ik razendsnel in mijn veel te dikke jas en compacte maar lelijke wandelschoenen om naar huis te gaan. Ik had net ontdekt dat ik HBO-series kon bekijken via mijn kamergenotes uitgebreide huuraanbod. ‘Sex and the City’ wachtte op me.
‘Uhum.’ Ik draaide me weer om. Dat kuchje betekende altijd dat ik voor iets specifieks moest zorgen. Ik vroeg me stiekem af of ze me zo geconditioneerd had op deze korte tijd, en of ik zoiets zou kunnen met de kinderen.
De Moeder stond haar eigen jas uit te trekken. ‘De kinderen zijn uitgenodigd om het weekend bij Chloe te spenderen op Long Island,’ zei ze. Ze bleef naar me kijken. Ik had geen idee wie Chloe was, laat staan Chloe van Long Island. ‘Oh,’ zei ik dan maar. ‘Leuk.’
‘Kan jij hen naar haar huis brengen op vrijdagavond? Ze eten daar en vertrekken dan naar Long Island. Het is niet moeilijk te bereiken, gewoon de B trein nemen. Ik stuur je het adres wel door.’

B trein. De metro dus. Ik slikte de brok opkomende paniek moeizaam weg. Twee keer had ik de metro nu genomen. De eerste keer weigerde mijn kaartje het poortje te openen, met een meute geïrriteerde New Yorkers achter me onvriendelijk mompelend over buitenlanders en dat ze alleen voor last zorgen. De tweede keer stopte de metro zo plotseling dat ik op de schoot van een oudere vrouw viel, die ondanks mijn verontschuldigingen ook onvriendelijk begon te mompelen over buitenlanders en dat ze alleen voor last zorgen. Ik had me dus stilletjes voorgenomen nooit meer de metro (of zoals ik het noemde: ‘mijn persoonlijke hel op wielen’) te nemen. Maar ik kwam er al snel achter dat zoiets onmogelijk is in New York. En dus, omdat ik geen andere keuze had en omdat ik nu toch wel capabel genoeg moet zijn om een simpele metro te nemen, zei ik: ‘Natuurlijk, geen probleem.’

‘Hou ik het zo vast?’ De Jongste bestudeerde het uitgestoken metrokaartje in mijn hand. ‘Nee,’ zei hij een beetje ongeduldig. ‘Je houdt het omgekeerd.’ ‘Oh.’ Snel stak ik het kaartje terug in mijn portefeuille. Blijkbaar had ik een nieuw dieptepunt bereikt in mijn onvermogen om volwassen te zijn. Zelfs een achtjarige was het daar nu mee eens.

Het was vrijdag, vijf uur. Naast de deur wachtte een koffer die me veel te zwaar leek voor een weekendje weg. Ergens in mijn achterhoofd vroeg ik me af hoe ik dat ding ooit de deur uit moest krijgen, laat staan twaalf kilometer van hier. Maar daar probeerde ik niet te veel aan te denken. ‘Oké jongens, tijd om te gaan.’ Ik boog me wat over de kinderen heen, met mijn nieuw ontdekte ‘Ik ben leuk, maar ook wel streng dus luister maar naar wat ik zeg of geen dessert voor een week’-blik. De Oudste ging te zeer op in zijn iPhone-spelletje. ‘Jongens.. Hé, jij ook… Hierzo… Oké. Ik ga echt jullie hulp nodig hebben straks. Ik heb de metro nog niet vaak genomen. Ik help jullie altijd met jullie huiswerk, nu is het jullie beurt om mij te helpen.’
De Jongste knikte plechtig, alsof hij een belangrijke taak had gekregen (wat in mijn ogen ook wel zo was). De Oudste keek alweer naar zijn telefoon. Tot zover mijn gezag.

Ik weet niet hoe, maar uiteindelijk kreeg ik de koffer van het appartement naar de lift, naar de inkomhal, naar de straat, naar het station en uiteindelijk drie trappen lager naar het perron. En dat allemaal zonder ook maar een ledemaat te breken. Mijn eyeliner was wel een beetje uitgelopen van het zweet en ik voelde mijn wijsvinger niet meer, maar al bij al had ik het min of meer overleefd. Ik hoefde mijn kaartje maar vier keer te swipen voor ik binnen kon. Tot nog toe was deze trip 78% beter dan alle andere pogingen.

We waren in Brooklyn beland. Niemand wil in Brooklyn belanden. De kinderen dachten zelfs dat Brooklyn niet meer in New York ligt.

De metro kwam een paar minuten later aan en we propten ons in de al overvolle coupé. Passief-agressief duwde ik de koffer voor me uit om plaats te maken. Was het onnozele ding toch nog voor iets goed. Zuchtend liet ik me in een stoeltje vallen. Kinderen bij, koffer bij, ledematen intact. Misschien kon ik toch iets goed doen van de eerste keer.
De Moeder had me het nummer van de – belachelijk knappe, vertelde een latere stalkmarathon op Facebook me – babysitter van Chloe gegeven, Brian. Hij had me het adres en het station gegeven, en heel behulpzaam verteld dat ik dertien stations moest passeren voor we er waren. Uiteraard, na vijf stations was ik al de tel kwijt en bleef ik gewoon uitkijken naar station 2nd Avenue. Maar de metro raakte steeds voller en voller, tot ik zelfs de bordjes met de stations op niet meer kon zien. Een lichte paniek overviel me en ik draaide me naar De Jongste.‘Jij kijkt toch ook uit, he?’ Hij knikte, intens turend naar de mensenmassa alsof hij door hen heen de bordjes kon zien. Dit is het probleem als je met kinderen werkt: ze mogen nog zo hun best doen, maar uiteindelijk is alles jouw schuld. Alles.

En opeens reden we over water. Water. We horen geen water over te steken. Wat is er over water? Brooklyn, New Jersey, Afrika. Ik begon wild om me heen te kijken, alsof dat iets zou opleveren aan informatie of hulp. Het enige wat het opleverde was besmettelijke paniek die op de kinderen oversloeg en de man naast mij die zich waarschijnlijk afvroeg of ik een epilepsie-aanval had.

Stomme Belachelijk Knappe Brian en zijn stomme onduidelijke aanwijzingen en stomme metro. Het eerstvolgende station sleurde ik de kinderen en de koffer uit de trein. Brooklyn. We waren in Brooklyn beland. Niemand wil in Brooklyn belanden. De kinderen dachten zelfs dat Brooklyn niet meer in New York ligt.
‘We zijn in Connecticut, we raken nooit meer thuis,’ huilde De Jongste. ‘Mensen sterven in Brooklyn,’ zei De Oudste angstig. Hij keek wild om zich heen en klampte zich vast aan zijn gsm, alsof elk moment een gewapende overvaller zijn kostbare Pokémon Go kwam opeisen.
Ik kneep mijn ogen een volle tien seconden lang dicht en ademde uit. Belachelijk Knappe Brian bleek uitermate nutteloos en reageerde enkel met ‘Oh.’ op mijn sms-berichten, dus deed ik wat elke verantwoordelijke nanny zou doen: ik vertelde de kinderen dat alles goed zou komen, dat we een taxi zouden nemen en dat Brooklyn niet in Connecticut ligt. Tegen het idee dat mensen sterven in Brooklyn kon ik niks inbrengen.

Uiteindelijk sleepte ik de koffer en de kinderen het station uit en een taxi in. Een volle vijftien dollar later kwamen we eindelijk, eindelijk aan op het juiste adres, een mooi uur en twaalf minuten te laat. Belachelijk Knappe Brian hielp niet met de koffer en zei niks over mijn kortstondige gedwongen verkenning van Brooklyn, dus ik besloot dat hij een benaming was die ik de kinderen verboden had luidop te zeggen. Chloe bleek een petieterig meisje met een attitude hoger dan het Empire State Building te zijn (bewezen toen ze vroeg: ‘Is je make-up altijd zo uitgesmeerd?’) en de familie was al geïrriteerd dat ik zo laat was, dus ik liet de kinderen snel achter in hun rijke, capabele handen om god weet wat in Long Island te doen.

Op de een of andere manier lukte het me de metro terug naar mijn eigen appartement te nemen, bespaard van verdere stommiteiten en mijn eigen incapabele zelf. Beseffend dat ik uiteindelijk toch iedereen veilig op de juiste plaats had gekregen, bedacht ik dat ik misschien minder incapabel was dan ik zelf dacht. Maar toen dacht ik aan de uitgesmeerde eyeliner, de reflectie van Brooklyn in het water en het feit dat ik zelfs geen metro kon nemen zonder in de nesten te raken, en besloot dat ik nog een lange weg te gaan had voor ik het etiket ‘capabel’ kreeg.

Lees Jades vorige blogs:

Nog 1 stap voor je onze desktop-meldingen kan ontvangen!

Geef je browser toestemming om je desktop-meldingen van Flair te sturen.