Gen F

Join onze community en krijg extra toegang tot artikelen, deel jouw verhaal & ...
© Flair

Sarah verloor net zoals Linda van Milk Inc. haar kind op een erg jonge leeftijd.

Sarah (30) verloor haar zoontje Yordi op elf maanden door een medische fout van de pediater

 

Je legt je leven, dat van je moeder, van je kind in handen van een dokter. En dan gaat het mis. Sarah verloor haar zoontje Yordi op elf maanden door een medische fout van de pediater. Hier vertelt ze haar verhaal.

 

‘Yordi was net geen jaar toen hij zwaar ademde. Hij had geen koorts, ik hield het op een verkoudheid. Maar toen ik bij mijn moeder langsging, viel hij en stootte zijn hoofd tegen de salontafel. Het was een klein sneetje, maar toch reed ik naar de spoedafdeling van het ziekenhuis. Dan kon er meteen naar zijn ­ademhaling worden gekeken. Op het ­moment dat de spoedarts ons uit de wachtzaal haalde, kwam een dokter naar ons toe. “Ha, ik ken je nog, kom maar met me mee”, zei hij. Ik kende hem helemaal niet, maar hij bleek een kinderarts te zijn, dus ook de spoedarts vond dat we beter met hem meekonden. 

Terwijl ik Yordi weer aankleedde, zag ik een deuk in zijn borstkas. Ik vroeg aan de arts om even te kijken, maar die zat al terug aan zijn bureau een voorschrift voor verdere medicatie te schrijven.

“Duidelijk geval van valse kroep”, zei hij na een kort onderzoek. Yordi kreeg een injectie die zijn adem­haling zou helpen. Terwijl ik Yordi weer aankleedde, zag ik een deuk in zijn borstkas. Ik vroeg aan de arts om even te kijken, maar die zat al terug aan zijn bureau een voorschrift voor verdere medicatie te schrijven. “Da’s normaal, dat is omdat hij nu opnieuw lucht krijgt. Dat wordt straks beter”, zei hij. Ik vond het er eng uitzien, maar ook al vroeg ik het hem een paar keer, hij kwam niet kijken. Mijn man kwam ook naar het ziekenhuis, hij vroeg op zijn beurt of er niet even moest worden gekeken. En of Yordi niet beter in het ziekenhuis bleef ter observatie. “Nergens voor ­nodig”, zei de kinderarts. “Het is een perfect normale reactie. Een kind is nog altijd nergens beter af dan thuis. Als het echt niet beter gaat, kom je morgen maar terug.”’ 

 

Het is te laat, we zijn hem kwijt

‘Yordi at goed die avond, de deuk in zijn borstkas bleef, maar omdat de kinderarts had gezegd dat het geen kwaad kon, probeerde ik me geen zorgen te maken. Toch werd ik ’s nachts wakker en ging ik naar mijn zoontje kijken. Hij zat rechtop in zijn bedje, lachte toen hij me zag. Ik bedacht me nog dat het morgen allemaal een stuk beter zou gaan met hem. Ik haalde een dekentje en ging naast hem liggen. Het was de eerste keer dat onze zoon ziek was, hij was altijd een kerngezond kind geweest. Ik stak mijn hand door zijn traliebedje, hij nam ze vast en ging liggen. En bijna meteen stopte hij met ademen. Ik hoorde het en heb alarm geslagen. Mijn mama – bij wie ik toen op bezoek was – en ik zijn in de wagen gesprongen, naar de spoedafdeling van het ziekenhuis. Ik beademde hem, gaf hartmassage. Maar al die tijd zei ik: “Het is te laat. We zijn hem kwijt. Hij is dood.” In het ziekenhuis werd de behandeling overgenomen, mijn man was er intussen ook en probeerde me gerust te stellen: het zou goed komen.

Yordi is gestikt. Omdat een arts een verkeerde diagnose heeft gesteld.

Maar het kwam niet goed. Ze kregen hem terug aan het ademen, Yordi werd nog overgebracht naar een ander ziekenhuis, maar daar bleek dat slechts één procent van zijn lichaamsfuncties – zijn hartje – werkte. We waren hem kwijt… Het was hallucinant. Een paar dagen ervoor was ik nog zijn eerste verjaardag aan het plannen, nu zat ik met mijn dode kind in mijn armen. Uren hebben we zo gezeten. Met alle macht die ­laatste momenten koesteren.

 

Ik haat die dokter…

Natuurlijk was het de schuld van de ­kinderarts. Dat is ons ook bevestigd door andere artsen. Want hoewel de longfoto’s die gemaakt werden bij mijn eerste spoed­bezoek opeens onvindbaar waren, had ik er een kopie van. Daarop was te zien dat de arts de verkeerde diagnose stelde. De arts in het tweede ziekenhuis heeft ons gezegd dat Yordi een heel pijnlijke dood is gestorven. Hij is gewoon gestikt. Zoiets horen, maakt je kapot. Nog altijd heb ik het onbeschrijfelijk moeilijk als ik terugdenk aan hoe hij naar me lachte toen ik ’s nachts ging ­kijken. Dacht hij toen: mama is er, alles komt goed?

Ik zei hem: “We hadden je nog gevraagd of hij niet moest blijven.” Hij keek me koud aan en zei: “Wees blij dat je hem hebt meegenomen naar huis, anders had je nu een koud lichaam teruggekregen.”

Yordi had helemaal geen valse kroep. Wat we niet kunnen hardmaken – het dossier van zijn consultatie met Yordi was ook spoorloos – maar wél denken, is dat de kinderarts gewoon de foute medicatie heeft gegeven. Ik sprak hem aan toen we met Yordi terugkwamen in het ziekenhuis. Ik zei hem: “We hadden je nog gevraagd of hij niet moest blijven.” Hij keek me koud aan en zei: “Wees blij dat je hem hebt meegenomen naar huis, anders had je nu een koud lichaam teruggekregen.” Die man is verschrikkelijk. Hij heeft gelogen om zijn vel te redden bij de Orde van Genees­heren. Tegen hen heeft hij gezegd dat hij Yordi in het ziekenhuis wilde houden, maar dat wij hem per se mee naar huis wilden nemen. Hij heeft niet één keer sorry gezegd – toen hem dat werd ­gevraagd zei hij zelfs dat hij dat nooit zou doen. En tijdens een gesprek met hem was hij alleen maar bezig over hoe wij zijn leven hadden geruïneerd. Zijn praktijk liep niet meer goed, zijn plek in het ziekenhuis was hij kwijt. Hij zat voor ons, vol zelfmedelijden. Terwijl wij ons kind kwijt waren… Ik haat hem. Uit de grond van mijn hart haat ik hem. Jaren heb ik hem gebeld, op de dag van Yordi’s ­overlijden. Vaak zonder iets te zeggen, één keer vroeg ik hem of hij wist wie ik was. “Ik ben Sara, de mama van Yordi. Het ­jongetje dat jij hebt vermoord.” 

Maar het verdriet om Yordi gaat niet voorbij. Die verschrikkelijke, verschrikkelijke man heeft mijn leven voor altijd veranderd.

Intussen hebben we nog een dochter en een zoon gekregen. Je lacht weer op een dag, je geniet weer. Maar het verdriet om Yordi gaat niet voorbij. Die verschrikkelijke, verschrikkelijke man heeft mijn leven voor altijd veranderd. Ik ging naar hem toe en legde het leven van mijn kind in zijn handen. Ik wéét dat ook artsen fouten kunnen maken, ze zijn mensen. Maar dat hij niet één keer sorry heeft gezegd, niet één keer liet zien dat hij het erg vond. Dat vind ik onvergeeflijk.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content

' ' '