Gen F

Join onze community en krijg extra toegang tot artikelen, deel jouw verhaal & ...
© Jean Van Cleemput

'Ze leerden mijn zoontje van 4 hoe hij zijn knuffeltje de keel moest oversnijden.'

Laura (31) sloot zich aan bij IS en trok naar Syrië

Vóór de aanslagen in Parijs, Brussel en Nice sloot de Belgische Laura Passoni (31) zich in haar naïviteit aan bij terreurgroep IS. Ze kon met haar man en zoontje ontsnappen uit de Syrische hel en wil met haar verhaal potentiële Syriëstrijders waarschuwen.

Het verhaal van Laura

 

Laura heeft Italiaanse ouders en werd geboren in Charleroi. Haar beste vriendin is Marokkaanse en Laura raakt gefascineerd door de rituelen in het hechte en praktiserende moslimgezin van haar vriendin. Op haar zeventiende bekeert ze zich op haar eentje tot de islam. Ze wordt verliefd op Mohammed, met wie ze een zoontje krijgt. Maar wanneer Mohammed haar verlaat, blijft ze ziek van verdriet achter. Laura zoekt naar kracht in de Koran om haar pijnlijke teleurstelling in de liefde te boven te komen. Op internet trapt ze in de val van de propagandavideo’s van Daesh (een andere benaming voor IS die de legitimiteit van de groepering in vraag stelt en niet door de groep zelf wordt gewaardeerd) en ze ontmoet haar ronselaar. Hij overtuigt haar ervan om naar Syrië te vertrekken om het volk te helpen dat in strijd is met president Bachar el-Assad. Hij belooft haar dat ze ginder met haar zoontje in een mooi huis zal wonen en dat ze aan de slag zal kunnen als verpleegster om voor de soldaten te zorgen. Via Facebook ontmoet ze ook Oussama, die net als zij zich nuttig wil maken voor de Syriërs en een gelukkig gezin wil stichten. Ze trouwen in het geheim en beslissen hun plannen in daden om te zetten. Oussama regelt alles. Niet lang daarna vertrekt Laura met hem en haar zoontje op “huwelijksreis”: een cruise op de Middellandse Zee. Maar geen van hen gaat opnieuw aan boord na een tussenstop in Izmir, aan de Turkse kust.

Ze leerden mijn zoontje van 4 hoe hij zijn knuffeltje de keel moest oversnijden.

Levens op het spel

 

Wanneer hun vermissing wordt opgemerkt, zijn ze al onder de hoede van het Syrische ronselcircuit. Negen maanden later – en zwanger van Oussama – overtuigt Laura hem zonder enige moeite ervan om deze hel te ontvluchten. In haar Franstalige boek Au cœur de Daesh avec mon fils (nog niet vertaald naar het Nederlands) getuigt Laura over haar naïviteit, die misbruikt werd door haar ronselaar. Ze vertelt over haar angst tijdens de bombardementen, het gebrek aan vrijheid, de onmacht tegenover de mannen van Daesh. ‘s Nachts werd haar zoontje van vier jaar van haar afgenomen om hem te leren zijn knuffeltje de keel over te snijden of om te spuwen op de lijken van vijanden. Zo wilde Daesh hem tot een toekomstige jihadist kneden.

 

Ze beschrijft op beklijvende manier haar ontsnapping, waarbij ze niet alleen haar eigen leven, maar ook dat van haar zoontje en het kind in haar buik op het spel zette. Het verhaal tot haar arrestatie op de luchthaven van Charleroi en haar voorwaardelijke straf van drie jaar voor “deelname aan de activiteiten van een terroristische groep”. Meer dan een verhaal is dit boek een mea culpa, een aanklacht en een waarschuwing tegen de leugens en de gevaren van de Islamitische Staat. Het is ook een preventiemiddel voor jongeren, die Laura ontmoet op scholen, zodat ze zich nooit voor de gek laten houden door Daesh. Tenslotte is dit boek een oproep om haar een tweede kans te geven zich opnieuw te laten integreren in de maatschappij.

In mijn ogen waren zij die naar Syrië trokken helden. Ronselaars speelden in op de nood aan humanitaire hulp.

Ik weet dat het voor veel mensen moeilijk te begrijpen is dat ik naar Syrië ben vertrokken om me aan te sluiten bij Daesh. En dat ik mijn zoontje daarin heb meegesleept. Ik plaats mezelf niet in een slachtofferrol, ik neem mijn verantwoordelijkheid. Ik ben uit eigen beweging vertrokken. Niemand heeft een pistool tegen mijn slaap gezet. Maar ik zat toen niet goed in mijn vel, en mijn ronselaar heeft ingespeeld op mijn zwakke plekken. Ik ben vertrokken in 2014. Nog voor de aanslagen, voordat het kalifaat werd uitgeroepen, voor de terechtstelling van westerse gijzelaars die hier voor een schokgolf zorgde. Charlie Hebdo, Parijs, Brussel, Nice… Dat was toen allemaal nog niet gebeurd. Ik weet het: ik had mezelf beter moeten informeren. Maar mijn interesse voor de actualiteit was toen maar matig. Bovendien werd er in de media nog maar weinig over dit thema gesproken. Ik wist dat er gevechten waren in Syrië, maar ik vond het een rechtvaardige zaak om te vechten tegen Bachar el-Assad. In mijn ogen waren zij die naar ginder trokken de helden van het moment. Ronselaars speelden in op het feit dat Syrië nood had aan humanitaire hulp. Vandaag is hun discours veranderd, hoewel diegenen die erover denken om naar Syrië te trekken nog steeds gemanipuleerd worden. Het is voor hen dat ik dit boek geschreven heb, en dat ik in scholen aan preventie doe. Ik wil Daesh aanklagen. Want niemand is veilig voor die ronselaars. Het is mijn plicht iedereen te waarschuwen.

 

Zoontje meegesleurd in de hel

 

Met mijn boek wil ik niet de boodschap geven dat je schrik moet hebben van de islam. Geloof niet wat Daesh vertelt en pleeg geen aanslagen: dat is wat ik wél duidelijk wil maken. Nergens in de Koran wordt gezegd dat je onschuldigen mag doden. Alleen God kan beschikken over leven en dood. Ik heb mijn boek geschreven zodat mensen inzicht krijgen in de rekruteringen, de manipulatie. Ik wil niet meteen veroordeeld worden, maar een kans krijgen om het weer goed te maken. Ja, ik ben vertrokken en ik heb mijn zoontje meegesleurd in die hel, maar dat neem ik mezelf ook heel erg kwalijk. Dit boek is ook voor mijn kinderen. Zodat ze later het verhaal van hun moeder kunnen begrijpen, want vragen zullen ze zeker hebben. Pas in Syrië zijn mijn ogen opengegaan. En het is voor mijn kinderen dat ik besloot om te vluchten.

Ik was voor de gek gehouden. Geen huis, geen job, geen school. Ik werd opgesloten in een vrouwenhuis.

Niet meer gaan en staan waar ik wilde

 

Dezelfde dag nog dat ik Syrische grond onder mijn voeten voelde, wilde ik al terugkeren naar België. Ik was helemaal voor de gek gehouden door de propagandavideo’s van de Islamitische Staat, waarin iedereen een gelukkig leven leidde, de kinderen naar school gingen… Ik heb alles van zelf meegemaakt en ik heb gezien dat het er absoluut niet zo aan toe ging. Het is alsof ik een blinddoek om had die pas afging toen ik eenmaal daar was. Ik vroeg mezelf af: waar ben ik terechtgekomen? In welke hel zijn mijn kleine jongen en ik beland? Hoe ga ik het aanpakken om weer te vertrekken met mijn kind?

 

Voor ik naar Syrië trok, was ik ervan overtuigd dat er een plek was waar vrouwen en kinderen in veiligheid waren, zoals de video’s deden geloven. Ik dacht in mijn naïviteit dat we – aangezien we de vrouwen van Daesh waren – in een veilige stad zouden wonen, dat we niet gebombardeerd zouden worden, dat we niet al die barbaarse toestanden zouden zien. Toen ik in Syrië arriveerde kreeg ik geen mooi huis, geen job als verpleegster en geen school voor mijn zoontje. Ik werd samen met hem opgesloten in een madafa, een vrouwenhuis, waar ik niet meer kon gaan en staan waar ik wilde. Ik wist niet meer waar ik het had!

Mijn ronselaar overtuigde me om mijn zoon mee te nemen. Hij wist al te goed dat ik zou terugkeren naar België als ik hem zou missen.

Opnieuw beginnen na liefdesverdriet

 

Toen ik naar Syrië vertrok, was dat zowel om anderen te helpen als voor mezelf. De ronselaar had me beloofd dat ik verpleegster zou zijn en dat ik het Syrische volk zou kunnen helpen. Ik wilde mezelf nuttig maken in een land dat mijn hulp nodig had. Ik wilde ook mijn leven weer op de rails zetten, opnieuw beginnen na de verschrikkelijke teleurstelling in de liefde toen de vader van mijn kind mij bedrogen en verlaten had. In het begin twijfelde ik nog of ik mijn zoontje mee moest nemen, ik vroeg me af of het niet beter was om hem bij mijn ouders te laten. Maar mijn ronselaar drong aan om hem mee te nemen: hij zei dat hij daar een goede opvoeding zou krijgen. Hij wist maar al te goed dat ik snel weer naar België zou willen komen als ik mijn zoontje zou missen. Hij overtuigde me om hem mee te nemen: “Je kan me vertrouwen. Ik ben je familie, je ouders begrijpen het niet.” Hij zorgde ervoor dat ik me in mezelf terugtrok, dat ik mijn eigen familie afwees. Ik vertrouwde hem, ik vertelde hem mijn hele leven. Ik overtuigde mezelf er ook van dat mijn ouders niets begrepen van hoe ik me voelde, dat ze niet zoals ik waren…

 

Maar na mijn terugkeer in de lente van 2015 – na negen helse maanden en een mislukte ontsnappingspoging die ons bijna het leven kostte – heb ik pas gemerkt hoe groot de liefde van mijn ouders is voor mij en mijn zoontje. Toen ik hoorde wat ze allemaal geprobeerd hadden om ons daar weg te krijgen, wist ik hoe graag ze ons zien. Ze waren bereid hun leven op het spel te zetten voor ons.

Spontane deradicalisering

 

Na mijn terugkomst waren de eerste maanden heel zwaar. Negen maanden had ik opgesloten gezeten en had ik geleefd volgens heel strikte regels. Het is misschien moeilijk te geloven, maar als je van de ene dag op de andere je normale leven weer opneemt, is dat niet makkelijk. Ik was in de war. Ik begreep niet hoe je hier naar buiten kon wanneer je wilde, ik herontdekte de grote steden, de winkels… Ik was ontregeld, want als je regels moet naleven, zorgt dat ervoor dat je jezelf geen vragen stelt. Toen ik weer hier kwam, miste ik dus iets. Het was echter niet de Islamitische Staat die ik miste, maar de regels die ervoor gezorgd hadden dat ik de leegte niet voelde.

 

In het begin was ik een beetje in de war, maar vandaag is er geen twijfel meer: ik ga nooit meer terug naar daar. Ik ben nog altijd moslima, want het is een godsdienst waar ik me goed bij voel. Maar ik geloof in een heel gematigde islam, waarbij iedereen samen kan leven. Ik ben daarentegen helemaal niet meer radicaal. Ik ben in mijn eentje gederadicaliseerd, vanaf mijn aankomst in Syrië, toen ik vaststelde dat er tegen me gelogen was. Ik vroeg me af wat ik in godsnaam deed in dat land dat in oorlog was, waar ik mijn kind in gevaar bracht. Het is Daesh zelf dat me gederadicaliseerd heeft, door het gedrag van zijn strijders. Ikzelf voelde die haat niet die de anderen blijkbaar wel konden voelen. In tegenstelling tot hen had ik geen zin om dingen te doen ontploffen, om te doden, om te sterven. Absoluut niet!

In het vrouwenhuis in Raqqa wilden veel vrouwen vluchten. Sommigen probeerden het en werden vermoord.

Weg uit het vrouwenhuis

 

Toen ik in het vrouwenhuis in Raqqa zat, heb ik veel vrouwen uit verschillende landen ontmoet. Westerse vrouwen, Aziatische, Afrikaanse, Russische… Net zoals ik wilden velen van hen daar weer weg. Sommige vrouwen probeerden het en werden vermoord. Ik hoop dat er nog anderen zijn die erin zullen slagen te ontsnappen. Maar zo makkelijk als het is om Syrië binnen te geraken, zo moeilijk is het om er weer weg te gaan… Momenteel concentreer ik me op preventie op scholen, maar dat zal ik niet mijn hele leven blijven doen. Ik wil opnieuw een normaal leven leiden, me bezighouden met mijn kinderen, een job vinden. Ik zou graag in de familiehulp werken. Helpen… altijd maar weer helpen.

 

Hoe is Laura ontsnapt?

 

Slechts een paar weken na haar aankomst in Syrië probeerde Laura te vluchten met haar zoontje. Maar ze werd weer gevangengenomen door Daesh op zestig kilometer van de Turkse grens, waar haar vader haar opwachtte. Hij was speciaal naar daar gekomen om haar te helpen. Haar leven werd gespaard uitsluitend omdat ze zwanger was. Laura kwam tot het besef dat ze alleen niets zou kunnen doen. Daarom heeft ze haar man ervan overtuigd om Daesh te ontvluchten en naar België terug te keren. Ook hij was teleurgesteld in de Islamitische Staat en in het leven dat ze daar leidden. Het was niet moeilijk om hem te overtuigen…

 

Op een ochtend, in plaats van naar zijn werk te gaan, vertrok hij in een auto met Laura en haar zoontje. Ze doorkruisten het land dankzij een vrijgeleide van Oussama waardoor ze de checkpoints voorbij konden rijden. Nadat ze hun wagen hadden achtergelaten aan de voet van de bergen stapten ze alle drie urenlang, met angst in de leden en onder een stalen zon, tot ze de grens met Turkije bereikten. Die grens was een enorme afrastering waar men hen de doorgang verbood en waar ze eindeloze uren zaten te wachten in de overtuiging dat IS hen opnieuw gevangen zou nemen om hen alle drie te doden. Dankzij de tussenkomst van de ouders van Laura, die de reis hadden gemaakt om haar te redden, zijn ze op het nippertje de grens over geraakt. Zich er maar al te zeer van bewust dat ze de dood in de ogen hadden gekeken.

 

 

 

 
Tekst: Stephanie Ciardiello
Foto's: Jean Van Cleemput

 

 

Werd jouw leven ook van de ene op de andere dag overhoop gegooid? Beleefde jij ook iets wat je voor altijd zal bijblijven? Of heb jij nog een ander sterk verhaal dat je met ons wil delen? Mail het via strafverhaal@flair.be en we nemen graag met jou contact op. 

 

 

Lees meer straffe verhalen:

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content

' ' '