https://api.mijnmagazines.be/packages/navigation/
Home Straf Verhaal Nina (20) heeft borderline

Nina (20) heeft borderline

'Een paar keer per week liep ik over de spoorweg. Ik kickte erop te flirten met de dood.'

Tim De Backer
Veel vriendinnen heeft ze niet meer, zegt ze. En dat komt grotendeels door haar persoonlijkheidsstoornis. Nina (20) heeft borderline.

Een paar keer per week liep ik over de spoorweg. Ik kickte erop te flirten met de dood.

Mijn afscheidsbrief lag klaar

Was ik niet opgenomen, dan was ik er simpelweg niet meer geweest. Ik zat diep, heel diep. Zo diep dat ik geen andere uitweg meer zag dan een einde te maken aan mijn leven. In mijn hoofd had ik de beslissing al lang gemaakt. Een paar keer per week ging ik hier vlakbij over de spoorweg lopen, om de adrenaline door mijn lijf te voelen gieren. Ik kickte erop te flirten met de dood. Mijn afscheidsbrief lag klaar. Net op tijd trok mijn psychologe aan de alarmbel en slaagde ze erin me te laten opnemen in een psychiatrisch centrum. Dat is intussen zes maanden geleden.

Het verdict was hard, maar tegelijkertijd een enorme opluchting

Op mijn zestiende maakte ik voor het eerst een afspraak met een psychiater. Ik voelde dat er iets was met me, er klopte iets niet. Ik was niet zoals anderen, voelde me al mijn hele leven anders. 'ADHD' concludeerde hij al snel, maar daar kon ik me totaal niet in vinden. Ik bén niet hyper. Ik bén niet druk. Ik kan me moeilijk concentreren, ja, maar je kan me nauwelijks overactief noemen. Twee jaar geleden kwam ik terecht bij mijn huidige psychologe. Zij wist al na een paar gesprekken wat er écht met me aan de hand was: ik heb borderline. Het was hard om zo'n verdict te krijgen, maar tegelijkertijd betekende het een enorme opluchting. Het verklaart zo veel, dingen die ik voel, die ik doe, die door mijn hoofd spoken.

Ik belde mijn lief constant, sloeg in paniek als ik hem een half uur niet hoorde.

De ene moment vrolijk, dan een humeurige brompot

'Maar wat is dat nu, borderline?' vragen sommigen me. Het is een aandoening waar maar weinig mensen zich iets bij kunnen voorstellen. Borderline is ook heel verschillend voor iedereen. Voor mij betekent het dat ik heel erg in uitersten denk: iets is zwart, of iets is wit. Grijze zones ken ik niet. Dat merk je ook aan mijn humeur: dat kan omslaan in een vingerknip. Was ik net nog vrolijk, dan kan een heel klein detail me veranderen in een humeurige brompot die alles en iedereen afsnauwt. Kom je binnen en ga je op de 'verkeerde' stoel zitten, bijvoorbeeld, dan zou het kunnen dat ik geen woord meer tegen je zeg. Want misschien wilde ik daar liever zitten, en wilde ik dat je eerst bij me polste of het oké is als jij daar zit. Maar soms lijkt er niet eens een aanleiding te zijn en slaat mijn humeur toch helemaal om.

ni

Ik was zelfs jaloers op zijn kat

Leer ik nieuwe mensen kennen, dan ben ik meteen bang dat ze er morgen misschien niet meer zijn. Want iemand die sterft, en plots wegvalt, is te zwaar om dragen voor mij. Dat hoeven niet eens vrienden of vriendinnen te zijn, zelfs een wildvreemde die ik een uur geleden leerde kennen, maakt me bang. Die extreme verlatingsangst is wellicht het moeilijkst aan mijn probleem. Het maakt me ook enorm jaloers. Heb ik een lief, dan krijgt die niet de minste ademruimte. Vroeger dacht ik dat ik gewoon heel erg verliefd was, maar intussen heeft mijn therapeut me doen inzien dat mijn gedrag bijna obsessief is. Ik hengel op een soms ziekelijke manier naar de aandacht en liefde van mijn lief. In mijn vorige relatie begon ik te hyperventileren als ik vond dat hij niet genoeg met me bezig was. Ik belde hem constant, sloeg in paniek als ik hem een half uur niet hoorde. Zelfs zijn kat kon me jaloers maken, omdat hij er in mijn ogen soms meer mee bezig was dan met mij. Geen wonder dat geen van mijn vorige liefjes het langer dan twee maanden met me uithield. Ook mijn vriendschappen lijden onder mijn verlatingsangst. Al heeft het lang geduurd voor ik dat besefte. En nu ik besef dat ik vaak te veel verwachtte van mijn vriendinnen, heb ik al zo veel vriendschappen kapot zien gaan.

Ze rook mijn angst van ver en greep elke kans om me te chanteren en me schrik aan te jagen.

Iedereen was bang van haar, en toch deed ik er alles aan haar vriendin te zijn

Pesterijen zijn een van de redenen waarom het lange tijd zo slecht met me ging. Jarenlang zat ik in een klas waar één meisje me steevast viseerde en kleineerde. Ze was dominant, arrogant, en gedroeg zich als een echte bully. Iedereen in de klas was bang van haar, ik ook. En net dat zorgde ervoor dat ik er alles aan deed om op een goed blaadje te staan bij haar. Ik deed té hard mijn best, wilde haar koste wat het kost aan mijn zijde hebben. Ik wilde dat ze me leuk vond. Dat werkte als een rode lap op een stier. Ze rook mijn angst van ver en greep elke kans om me te chanteren en me schrik aan te jagen.Toen ik op een dag doodziek was en we samen een presentatie moesten geven, belde ze me op en zei ze dat ik moest zorgen dat ik er meteen stond of ze zou me bij mijn haren tot aan de schoolpoort sleuren. En wat deed ik? Ik vertrok naar school. Soms wachtte ze me na een lesdag op om me uit te schelden, meestal zelfs zonder aanleiding. Die verstoorde relatie heeft me jarenlang verlamd, en vooral: me de diepte ingejaagd.

ni

Ik droom van een heel normaal leven

In het psychiatrisch centrum volg ik vier dagen per week therapie, van 's morgens tot 's avonds. Heel intensief is dat, vooral in het begin. Confronterend ook, want vaak ging ik ervan uit dat dingen die ik zei of dacht heel normaal waren. Maar keek ik dan naar de reacties van anderen uit mijn groep, dan begreep ik dat dat dikwijls niet zo was. Zo vaak hebben ze me een spiegel voorgehouden. Net daarom was ik in de eerste maanden ook helemaal uitgeput als ik 's avonds thuiskwam. Ik heb mezelf leren kennen, nieuwe kanten van mezelf ontdekt en redenen gevonden voor mijn gedrag. En hoewel ik steeds meer goeie dagen heb, zijn er ook ochtenden dat ik mijn bed niet uit wil. Dat ik liefst van al de dag wil doorbrengen in de veilige cocon van mijn deken en kussen. Ik weet nu dat ik dan over die drempel moet stappen, mezelf heel even moet dwingen uit mijn comfortzone te stappen, want dat ik me dan achteraf beter voel.

Eigenlijk leer ik in het centrum trucjes om verschillende situaties aan te pakken en anders te bekijken. Het lukt me alsmaar beter om dagdagelijkse problemen te tackelen en de demonen in mijn hoofd te stillen. Net daarom hoop ik dat ik ooit een heel normaal leven zal leiden, met een vriend die me steunt en begrijpt. Maar eerst wil ik sterk genoeg zijn, mijn dagtherapieën afronden en opnieuw gaan studeren. Net als elke jonge vrouw, want dat ben ik tenslotte ook: een heel gewoon meisje. Eentje met een probleem, maar wie heeft dat tenslotte niet?

Interview: Lies Van Kelst

Foto's: Tim De Backer



 

Werd jouw leven ook van de ene op de andere dag overhoop gegooid? Beleefde jij ook iets wat je voor altijd zal bijblijven? Of heb jij nog een ander sterk verhaal dat je met ons wil delen? Mail het via strafverhaal@flair.be en we nemen graag met jou contact op. 

Lees meer straffe verhalen: