Home Lifestyle ROADTRIP: 7 dagen van woeste kliffen, charmante stadjes en lieve vissersdorpjes in...

ROADTRIP: 7 dagen van woeste kliffen, charmante stadjes en lieve vissersdorpjes in Cornwall

Een cliffhanger van formaat! 😉

cornwall
© Marie Monsieur

Duizelingwekkende kliffen, supervers seafood, inspirerende kunst… In het zuidwesten van Engeland ligt Cornwall, een plek die je hart na een week roadtrippen zó verovert dat je meteen plannen maakt om er opnieuw naartoe te reizen. Wij verklappen de mooiste plekjes.

Het ruige Cornwall is een ideale autobestemming: je bolt in een dikke twee uur naar Duinkerken of Calais, waar je met de DFDS-ferry het Engelse Kanaal oversteekt. Vergeet niet tot op het dek te lopen als de witte krijtrotsen van Dover opduiken, want het avontuur kan dan bijna beginnen. Full focus op de weg, want rijden doe je hier natuurlijk aan de andere kant.

Dag 1: Dover – Bruton – Lewannick

Het is een kleine vijf uur rijden van Dover naar onze eerste slaapplek in Lewannick, dus de eerste reisdag is best lang. Maar geen zorgen, eenmaal in Cornwall zijn de afstanden een stuk korter. Om onze reis te breken, stoppen we in Bruton, een klein, op het eerste gezicht banaal stadje in Somerset waar – raar maar waar – heel wat te beleven valt. Lunch er bij het indrukwekkende At The Chapel, een restaurant (met zowel Britse gerechten als flinterdunne houtovenpizza’s) in een verbouwde kerk waar je ook kan slapen als je de rit te lang vindt. Een andere verplichte stop voor je verder cruiset (ja, zelfs voor cultuurbarbaren) is Hauser & Wirth, een hedendaagse en moderne kunstgalerie die naast vestigingen in onder andere New York, Londen en Zürich een zusje tussen de velden met schapen heeft in het charmante Bruton. Genoeg gepauzeerd, nu sjezen we in één trek naar Lewannick, in het binnenland van Cornwall. Na oneindig veel kronkelweggetjes met een hoog The Holiday-gehalte getrotseerd te hebben, komen we aan bij onze eerste slaapplek Coombeshead Farm. Je hoort het goed; we slapen op een boerderij, en wel die van chef Tom Adams. Hier geniet je eerst van heerlijk farm-to-fork eten (überlokaal, dus) in hun schuur, om daarna in je bed te rollen in een van de uiterst charmante kamers van de B&B.

Dag 2: Lewannick – Bodmin – Port Isaac

’s Morgens staat je al even waanzinnig huisgemaakt lekkers te wachten: rozijnenbrood dat recht uit de oven komt (ik droom er nog steeds over), bircher muesli, melk van de boer om de hoek, spek met eitjes en zuurdesembrood. Je hoort het al: dit is hét voorbeeld van een hier-wil-ik-nooit-meer-weg-adres, zelfs voor een stadsmeisje in hart en nieren zoals ik. We nemen een schapenvel mee naar huis als herinnering, gaan nog even de Mangalica-varkens voederen, en off we go. Van het binnenland rijden we tot aan de kust voor een eerste meet-and-greet met de duizelingwekkende kliffen van Cornwall. De gierende wind, schreeuwende vogels, wilde golven en het prachtige uitzicht vragen om hier minstens een halfuur naar dat natuurmoois te staren. Napraten doen we in Bodmin, met – hoe anders? – een goed glas wijn erbij. Camel Valley is een van de oudste wijndomeinen van Cornwall (ja, ook dat heb je hier) en vormt een ideale stop voor je je buik rond eet bij The St. Tudy Inn, een pub vlakbij. Kies hier voor de geüpgradede versie van fish-and-chips: zeeduivel gepaneerd met focacciabroodkruimels, handgesneden frieten, erwtjes en huisgemaakte truffelmayonaise. Dit. Is. Hemels. Slapen doen we ook vanavond origineel. Apple Tree Shepherd’s Hut is een klein maar heel erg cosy stacaravannetje met zicht op oneindige velden en schaapjes dat je via Airbnb huurt.

Dag 3: Port Isaac – Polzeath – Newquay

Vanaf nu bezoeken we meerdere kuststadjes. Onze ochtendkoffie drinken we in Polzeath, in een felblauwe shack op het strand met zicht op knappe surfers die de golven trotseren. In Port Isaac flaneren we een stukje langs The Coastal Path, een wandelpad dat de hele kustlijn van Cornwall verbindt. In het hart van dit stadje smikkel je van de bijzondere keuken van Nathan Outlaw. Voor z’n restaurant Outlaw’s Fish Kitchen (toegankelijker en betaalbaarder dan z’n hoofdrestaurant verderop) koos hij een laag vissershuisje uit de 15de eeuw aan het water. Dat alles hier zeer vers is, is duidelijk: de vissers laden hun vangst voor de deur uit. Kies gerechtjes om te delen; het allerbeste van het menu wordt dan in het midden van de tafel gezet. Via een tussenstop in Padstow rijden we naar Newquay, waar we in Wren’s Nest, een Airbnb-rijhuisje ( cottagestijl: check!) vlak naast het strand overnachten. Hier ervaar je een instant ‘ik ben een local’-gevoel.

Dag 4: Newquay – Bedruthan Steps – St. Ives

Newquay lijkt op het eerste gezicht een stuk minder charmant dan de kleinere kuststadjes van Cornwall. En toch is het de moeite om er te stoppen. Ga shoppen bij MMW at Revolver, de coolste surfshop on earth en drink koffie bij Box & Barber of Pavilion. Regent het (want ja, dat zou zomaar even kunnen in Engeland)? Dan verwen je jezelf met een dagpas in de spa van The Scarlet. Prijzig, maar je zit dan ook in een hot tub pal op de kliffen. We maken een pitstop bij Bedruthan Steps – spectaculaire views, views, views! – voor we naar St. Ives rijden. Met een slaapplek als Samphire Studio kom je niet meer buiten. De hele studio is picture perfect ingericht en er ligt ontbijt voor je klaar met lokaal lekkers dat je de volgende ochtend opsmult in hun door tropische planten omringde veranda.

Dag 5: St. Ives – Land’s End – Penzance

St. Ives is op cultureel vlak Cornwalls hoogstandje. Bezoek het atelier en de beeldentuin van beeldhouwster Barbara Hepworth, een oase van rust in de stadsstraten. Struin verder tot Tate, het zusje van het Londense museum, dat uitzicht biedt over de Atlantische Oceaan. Modemoois (voor hem én haar) shop je bij Academy & Co, Port of Call en Number 8, drie hippe winkels van dezelfde eigenaars. Plumbline verzamelt de mooiste keramiek en unieke objecten. Boven haar winkel verhuurt Deborah trouwens een designappartementje. Wie van keramiek houdt, moet naar Leach Pottery, een museum waar je moois voor bij je thuis koopt. Eten doe je met zicht op het water bij Alba of Porthminster Beach Café en Porthminster Kitchen. Mag het wat culinairder? Reserveer dan bij The Black Rock. Net buiten St. Ives vind je The Gurnards Head, een knalgeel restaurant met hartverwarmende gerechten. Rij via Land’s End (toeristisch, maar ‘het einde van de wereld’ blijft zelfs dan nog magisch) tot aan het Minack Theatre, een openluchttheater dat uitkijkt op het strand. Als de zon ondergaat, komen de surfers het water uit en rijden wij naar Penzance. Ga zeker naar Mousehole, een idyllisch vissersdorpje. Hier lijkt het leven even stil te staan.

Dag 6: Penzance – Falmouth

Ontwaken doen we hier in The Artist Residence, een hip hotel met het erg leuke restaurant The Barn. Het loont ook de moeite om Chapel Street te ontdekken – met No. 56 als leukste shopstop – en even tot Jubilee Pool te stappen, een art-decozwembad aan het water. Op je weg naar Falmouth passeer je Tremenheere Sculpture Gardens, denk: tropische planten, beeldhouwwerken van inspirerende kunstenaars en een mooi zicht op St. Michael’s Mount, een getijdeneiland met een kasteel erop. Souvenirs scoren doe je in Falmouth bij surf- en knitwearshop Finisterre, miniplantenparadijs Toro en Folklore, waar je moois van lokale ontwerpers vindt, en Cup, een klein atelier waar jonge lokale artiesten het mooiste aardewerk maken. Dat doen ze niet met dure draaischijven, wel met hun vingers en handen (pinch pottery). Voor de beste kopjes zwart goud ga je naar Espressini. Wil je origineel lunchen, dan rij je de stad uit tot bij Potager Garden. Op het platteland duikt een serre op waar je van vegetarisch huisgemaakt lekkers proeft.

Dag 7: Falmouth – St. Mawes & The Roseland – homebound

Freyja, de eigenares van boetiek-B&B The Sandy Duck, bewijst nog maar eens hoe gastvrij de locals in Cornwall zijn. De ‘Penthouse’, de hoogstgelegen kamer in het herenhuis, is het paradepaardje. Vanuit ons bad kijken we uit op de eindeloze zee. Freyja geeft ons tips om onze laatste dag magisch af te sluiten, en daarvoor moeten we naar schiereiland Roseland. Met de ferry steken we de riviermonding over en bereiken we dat gedeelte van westelijk Cornwall. Vanuit de kleine haven van Saint Mawes heb je een schitterend uitzicht op de baai. Als de zon door de wolken breekt, lijkt het hier plots exotisch. De sympathieke Mr. Scorse, die een zaak met de beste broodjes krab runt, wijst ons de weg naar een wel heel unieke kerk. Ze staat te pronken in een dal in het midden van een kerkhof, tussen de palmbomen aan de oever van een riviermonding. Tel daar een paar schreeuwende zwarte kraaien bij, en je begrijpt dat dit een erg surrealistisch plaatje vormt. In Portscatho is het al even spookachtig, omdat het er zo leeg is in het laagseizoen. In een houten huisje met zicht op het strand serveert een op-en-top Britse barista met baard ons een deugddoende koffie. Niet alleen koffiebar Tatams, maar alles komt with a view in Cornwall. Als het al geen kliffen zijn die je de adem benemen, staar je wel naar de meest schattige vissersdorpjes of velden met rondhuppelende schaapjes. Dit is een mix van Bretagne en Ierland, met een hip sausje.

Lees ook:

Jobs

Nog 1 stap voor je onze desktop-meldingen kan ontvangen!

Geef je browser toestemming om je desktop-meldingen van Flair te sturen.