Home Lifestyle Journalist Pieterjan De Smedt maakt zich op voor zondag: ‘Als politici bang...

Journalist Pieterjan De Smedt maakt zich op voor zondag: ‘Als politici bang zijn voor mij, beschouw ik dat als een compliment’

'Tijdens de minuten voor de camera draait, voel je dat politici ook maar mensen zijn die hun twijfels hebben.'

© Tim De Backer

Je ziet hem vaak aan het werk in ‘Terzake’ en op 26 mei werkt hij mee aan de verkiezingsshow op Eén. Het is dus hoog tijd voor een kennismaking met politiek journalist Pieterjan De Smedt.

Of we het nu leuk vinden of niet: dezer dagen zijn we allemaal met politiek bezig. De straten hangen vol met affiches, je brievenbus puilt uit van het verkiezingsdrukwerk en op tv moet je al flink zappen om géén debat tegen te komen. De reden van al dat moois zijn de aankomende verkiezingen op 26 mei. ‘Een hoogdag’, volgens politiek journalist Pieterjan De Smedt (33). ‘Ik kijk er geweldig naar uit. Een sportjournalist is ook blij als het WK begint, hè.’

Voor de leken: leg eens uit wat we precies gaan doen op 26 mei.

Pieterjan De Smedt: ‘We gaan drie keer stemmen. Een keer voor het Vlaams, een keer voor het Federaal en een keer voor het Europees Parlement.’

Voor Flairlezeressen is dat belangrijk, omdat…

‘Ik snap dat het voor veel mensen klinkt als een ver-van-mijn-bed-show, maar dat is het eigenlijk niet. Het Europees Parlement bepaalt bijvoorbeeld of er hormoonverstoorders in cosmetica mogen zitten en met welke stoffen het speelgoed van onze kinderen behandeld mag worden. Het Federaal Parlement gaat over het asiel- en migratiebeleid, waar ook veel mensen een mening over hebben. En het Vlaams Parlement heeft veel in de pap te brokken qua onderwijs. Welk onderwijs willen we voor onze kinderen? We hebben er meer mee te maken dan we spontaan zouden denken.’

Begrijp je reacties als: ‘Die ene stem van mij zal toch niks veranderen’?

‘Ja, absoluut. Ik snap ook dat mensen soms denken: wat die politici zeggen, interesseert me niet. Maar de verkiezingen zijn natuurlijk wel een moment waarop je je stem kan laten horen. Als het erop aankomt, ligt heel veel macht bij de politiek. De partijen die het nu goed doen, gaan bepalen welke richting Vlaanderen de komende jaren uit gaat, en dus ook welke richting bijvoorbeeld ons onderwijs uit gaat. Het is belangrijk om daar mee over te beslissen, en dat doe je nu net door je stem uit te brengen.

Op wie ik ga stemmen, weet ik nog niet. Meestal beslis ik pas op het allerlaatste moment.

Op wie moeten we stemmen? Welke partij gaat ons land nu écht beter maken?

‘Dat is de vraag van één miljoen (lacht). Het antwoord is voor iedereen anders. Wat vind je belangrijk? Waar wil je naartoe? De stemtest van de VRT NWS kan je op weg helpen. Verder moet je vooral je instinct volgen. Bij welke poli­ticus of politica heb je een goed gevoel? Wie zegt volgens jou zinnige dingen waarmee je akkoord kan gaan?’

Op wie ga jij stemmen?

‘Eerlijk: ik weet het nog niet. Ik denk dat ik pas helemaal op het laatste moment zal beslissen.’

Ben je altijd al geboeid geweest door politiek?

‘Als kind al. Ik wilde alles weten en be­grijpen. Ik weet nog goed hoe mijn pa tijdens een treinrit op de hoek van een krant een tekeningske maakte om me het verschil tussen links en rechts uit te leg­gen. Op mijn 13de zag ik Ivan De Vadder uitslagen voorlezen in een verkiezings­show, en ik dacht: die man heeft een toffe job!’

Wat vind je er zo boeiend aan?

‘Het gaat over hoe onze samenleving, ons dagelijks leven wordt bepaald. De machtsstrijd tussen de verschillen­de personen en partijen, winnaars, verliezers… Het boeit me mateloos. Voor mij is het eerder een hobby dan een beroep. Dat moet ook, want ik ben er zo vaak mee bezig dat je het wel erg graag moet volgen.’

Hoe ben je bij ‘Terzake’ terechtgekomen?

‘Ik heb politieke wetenschappen gestu­deerd. Tijdens mijn laatste jaar kwam ik in contact met Eric Goens, die toen directeur informatie was bij VTM. Hij liet me een proef doen en niet veel later mocht ik aan de slag als reportagemaker bij “Telefacts”. Een goeie twee jaar later kwam ik in contact met “Terzake”. Daar werk ik nu als politiek journalist.’

Net als Ivan De Vadder. Jeugddroom: check!

‘Mooi, hé (lacht)? Ik coverde niet meteen de politiek, want ik heb eerst een tijdlang misbruik in de psychiatrie opgevolgd. Ik heb toen onder andere een interview gedaan met psychiater Walter Vandereycken, die bekende dat hij relaties had gehad met patientes. Dat was zwaar, want ik kreeg veel verhalen binnen van vrouwen die ver­schrikkelijke dingen hadden meegemaakt, ook met andere psychiaters, en die verhalen kon ik maar moeilijk van me afzet­ten. Pas daarna ben ik me met de politiek gaan bezighouden. Die ligt me veel beter, want die is zakelijker en veel makkelijker om los te laten.’

Bij ‘Telefacts’ bleef je buiten beeld, maar bij ‘Terzake’ stond je plots voor de camera. Was dat wennen?

‘Absoluut. Het is afschuwelijk om naar jezelf te kijken. Je ziet allerlei dingen die je liever niet zou willen zien. Rare trekjes, een vreemde mimiek… Daar heb ik in het begin echt heel erg aan moeten wennen, en ik vind het eerlijk gezegd nog steeds niet fijn. Die eerste periode kreeg ik ook voortdurend opmerkingen over mijn haar, bijvoorbeeld dat het veel te lang was. Dat hebben ze intussen bijgewerkt: er is wat af (lacht).’

Kijk je zelf naar elke aflevering?

‘Dat probeer ik toch. Ik wil blijven kijken om te weten waar het goed zat en wat beter kon. Ik weet dat ik moet letten op mijn mimiek, want als het ernstig wordt, ga ik al snel naar tristesse neigen. Ik vraag na elke aflevering ook aan mijn vrouw wat ze ervan vond. Zij is mijn klankbord.’

Zegt ze het ook als het niet goed was?

‘Ja, hoor. Dan zegt ze bijvoorbeeld: “Daar had je nog wat meer kunnen duwen.” Ik kan daartegen, want ik heb nood aan die feedback. Ik vind dat je jezelf continu in vraag moet blijven stellen om scherp te blijven.’

Hoe kijk je uit naar de verkiezingen in mei?

‘Met veel goesting. Voor mij is dit de tofste periode van het jaar. Het zal zwaar worden, want ik heb een dochter van vier maanden, dus mijn nachten zijn vaak kort of verstoord, en in verkiezingstijd zijn mijn werkdagen lang. Ik ben ’s ochtends om 8u30 al op de VRT, en we komen pas om 8u ’s avonds op antenne. Maar ik doe het zógraag. De adrenaline zorgt ervoor dat ik blijf gaan. Vooral naar de interviews kijk ik heel erg uit.’

Volgens de geruchten zijn politici tijdens die interviews een beetje bang van jou.

‘Als het zo is, beschouw ik dat als een compliment (lacht). Weet je, voor mij is het simpel. Tijdens een interview ben ik niet bezig met wat die politicus wil brengen, wel met wat de kijker wil horen. Als hij of zij alleen een vooraf ingestudeerd antwoord geeft, blijf ik doorvragen tot ik een beter antwoord heb of tot het voor de kijker duidelijk is dat hij niet wil antwoorden, want dat is eigenlijk ook een antwoord. Ik vind zelf dat het nogal meevalt, want ik stel scherpe vragen, maar ik blijf wel altijd respectvol en vriendelijk. Soms denk ik na een interview zelfs: oei, heb ik wel genoeg doorgevraagd? Tot iemand dan reageert met: “Amai, hij stond weer op scherp.”’

Vind je het moeilijk om zo streng te zijn?

‘Nee, eigenlijk niet. Dat is nu eenmaal mijn taak als journalist. Het enige waarmee ik het soms wel moeilijk heb, is mensen begroeten met een gemoedelijk babbeltje, om dan, als de camera’s eenmaal draaien, mijn scherpste mes boven te halen. Daar moet ik me soms voor opladen.’

Zijn politici niet lastig om te interviewen? Ze hebben allemaal mediatraining gevolgd en sommige weten heel goed hoe ze naast de kwestie moeten praten.

‘Ze zijn inderdaad getraind, maar ik merk toch vaak dat ze wat zenuwachtig zijn voor het interview of dat ze naar hun woordvoerder kijken om na te gaan of hun haar goed ligt. Tijdens die minuten voor de camera draait, voel je dat ze ook maar mensen zijn die hun twijfels hebben.’

Zouden ze die twijfels niet beter gewoon tonen? Veel mensen waren immers geraakt toen Joke Schauvliege in tranen uitbarstte tijdens de persconferentie waarop ze haar ontslag aankondigde.

‘Philippe De Backer had ook tranen in zijn ogen toen hij zei dat hij zou stoppen met politiek. Je hebt mensen die zich daaraan storen, maar ik vind niet dat je iemand kan verwijten dat er af en toe emoties bij komen kijken. Als het écht is, natuurlijk, want er worden ook weleens poses aangenomen. Dan merk je dat ze bijvoorbeeld hebben afgesproken om met de glimlach naar binnen te gaan om te tonen dat ze er klaar voor zijn.’

Soms moet ik bewust mijn smartphone aan de kant leggen om even niet met politiek bezig te zijn.

‘Nu, het is een harde wereld, hoor. Die is soms zelfs nog harder dan mensen denken. Als je hoort hoe politici achter de schermen over elkaar praten, ook over mensen binnen hun eigen partij… Je moet stevig in je vel zitten om daarin te kunnen meedraaien.

Heb je vrienden in de politiek?

‘Mijn allerbeste vrienden hebben niks met politiek te maken. Ik zou hen ook niet graag op de rooster leggen. Met hen praat ik op café zelden over politiek, wel over verbouwingen of kinderen, kortom: de dingen des levens waarmee dertigers bezig zijn. Al moet ik bekennen dat ik zelfs op die momenten in mijn hoofd met politiek bezig blijf. Ik heb namelijk de drang om continu op Twitter te vol­gen wat er gebeurt. Dat moet ook, want als je een goed interview wil doen, moet je weten wat er is gezegd en gebeurd. Ik moet mijn smart­phone soms bewust aan de kant leggen om er even niet mee bezig te zijn.’

Heb je nooit overwogen om zelf in de politiek te stappen?

‘Nee, want ik heb meer vragen dan ant­woorden. Laat mij dus maar die micro vasthouden.’

Maar je hebt wel al aanbiedingen gekregen?

‘Er is bij mij al eens gepolst geweest om woordvoerder te worden, ja. Maar ik doe mijn huidige job veel te graag. Dit was mijn droom, dus ik zie me niet meteen switchen van werk.’

Terug naar de verkiezingen. Merk je bepaalde tendensen op? Het klimaat lijkt alvast alomtegenwoordig als onderwerp.

‘Ja, dat zal duidelijk een thema worden. Het boeiende is dat de meningen van de partijen hierover erg uit elkaar lopen. En dat maakt het voor ons extra interessant: wie zal van de kiezer gelijk krijgen? We merken bij “Terzake” ook dat het onderwerp leeft. Als we bijvoorbeeld een debat brengen over kernenergie of rekeningrijden, zijn de kijkcijfers altijd goed. Al is de interesse voor klimaat de laatste weken wat gaan liggen.’

Zijn er ook bepaalde personen die kijkers trekken?

‘Ja. De ene persoon boeit nu eenmaal meer dan de andere, maar daar houden we geen rekening mee. Als iemand minder aanspreekt, is het onze taak om er met de juiste vragen toch een boeiend gesprek van te maken. Maar het klopt wel: bepaalde politi­ci trekken opvallend meer publiek.’

Wie dan, bijvoorbeeld? Theo Francken?

‘(ontwijkend) Meestal gaat het om mensen die iets oproepen, voor en tegen. We merken dan bijvoorbeeld op Twitter dat ze veel losmaken. Ook als iemand van de vakbonden met een uitgesproken standpunt komt, volgt er meestal reactie. Maar ook dat zal voor ons nooit een reden zijn om iemand wel of niet uit te nodigen. Er is altijd een groep kijkers die níét reageert en die misschien net ande­re mensen aan het woord wil horen.’

Uit een recente peiling bleek dat vooral Vlaams Belang en Groen het goed zouden kunnen doen. Een verrassing?

‘Nee, ze deden het ook al opvallend goed tijdens de voorbije gemeenteraadsverkiezingen. Zowel het migratie- als het klimaatthema zijn heel actueel, en dat zijn de kernpunten van deze partijen. Al krijgt Groen veel kritiek dat hun plannen te duur zijn. Groen en Vlaams Belang zitten bovendien allebei in de oppositie, dus ze kunnen uitpakken met heel uitgesproken standpunten. Voor partijen in de regering is dat moeilijker, die moeten overeenkomen.’

Volgens de laatste VRT-peiling is Bart De Wever de populairste politicus.

‘Inderdaad, en hij wordt gevolgd door Theo Francken, Hilde Crevits, Jan Jambon en Alexander De Croo. Eigenlijk zien we daar dus weinig veranderingen, alleen stond Francken vorige keer op nummer 1 en stond De Wever op nummer 2.’

Tot slot: wie wint de verkiezingen op 26 mei?

‘Ow, daar vraag je iets. Als ik uitga van wat we nu al weten, onder andere door die peiling, vermoed ik dat er geen al te grote verschuivingen zullen zijn. Wellicht gaat Vlaams Belang erop vooruit, Groen ook wat, en blijft N-VA de grootste. Maar het kan nog alle kanten uit. Ik ga me maar niet wagen aan een concrete voorspelling. Om in de sfeer van dit huis te blijven: Frank De Boosere vindt het soms moeilijk om het weer van komend weekend te voorspellen, maar geloof me: de verkiezingen voorspellen is nog véél moeilijker.’

Tekst: Evelien Roels

Lees ook: 

Jobs

Nog 1 stap voor je onze desktop-meldingen kan ontvangen!

Geef je browser toestemming om je desktop-meldingen van Flair te sturen.