Home Columns COLUMN: ‘Niets zo vermoeiend als een zieke vent’

COLUMN: ‘Niets zo vermoeiend als een zieke vent’

'Elke verkoudheid is een vreselijk virus en elke hoest vraagt om een spoedafspraak bij de huisarts.'

Catherine Kosters
© Catherine Kosters

Catherine houdt van haar lief, hotelbedden en ketchup. Tot de dag dat zelfspot een olympische discipline wordt, deelt ze in deze column elke week haar avonturen.

Help, mijn lief is ziek

Wanneer de griep in het land is, hoop ik maar op één ding: dat ik zelf niet ziek word. Oké, misschien is er nog een tweede dingetje: dat ook mijn lief eraan ontsnapt. Er is immers niets zo vermoeiend als een zieke vent. Mijn lief is in het dagelijks leven een toonbeeld van rationaliteit, maar als het om zijn gezondheid gaat, verandert hij net als de meeste mannen in een hypochonder eersteklas.

Elke verkoudheid is een vreselijk virus en elke hoest vraagt om een spoedafspraak bij de huisarts. Die schrijft hem standaard drie dagen thuis, zodat hij geen collega’s kan besmetten met de al dan niet ingebeelde symptomen van zijn eenmansepidemie. Zelf kan ik mij de laatste dag dat ik in bed bleef liggen niet meer herinneren. Ah, het leven van een zelfstandige!

Mijn lief is in het dagelijks leven een toonbeeld van rationaliteit, maar als het om zijn gezondheid gaat, verandert hij net als de meeste mannen in een hypochonder eersteklas.

Ik weet nog wel dat ik ziek zijn vroeger stiekem heerlijk vond. Nu ja, het hing ervan af hoe erg de situatie werkelijk was. Je wijsheidstanden laten trekken en een week lang tekenfilms kijken: chill. Hoge koorts en hallucinaties: minder chill. Soms droomde ik ervan om in het ziekenhuis te belanden. Niet met een ongeneeslijke aandoening natuurlijk, maar met pakweg een lichte beenbreuk. Mijn zus was namelijk kind aan huis in het hospitaal en leek daar altijd de vruchten van te plukken. Geen les, geen huiswerk, alleen bezoekjes en ballonnen. Toen ze tijdens het racen met de Barbie-jeep haar pink brak – echt gebeurd – kreeg ze van mijn mama een houten dolfijntje cadeau, dat we gratis gekregen hadden bij een bestelling uit de Daniel Jouvance-catalogus. Jaloers dat ik was!

Nu ik mijn lief languit op de bank zie liggen terwijl ik me doorheen driehonderd e-mails worstel, keert dat oude gevoel van afgunst terug. Ziek zijn is gestolen tijd. Maatschappelijk aanvaarde me-time en een geldig excuus voor álles. Voorbeeld: wanneer hij na een dag zelfopgelegde quarantaine beslist om een luchtje te scheppen, is dat ‘gezond’. Wanneer ik opper dat hij die retourzending dan meteen even naar het postkantoor kan brengen, is dat ‘schandalig’.

Er blijken nog wel meer verzoeken in die laatste categorie te vallen, waaronder de vaatwasser uitladen, het bed opdekken en vuile sokken in de wasmand gooien. Voor al die huishoudelijke taken en meer krijgt patient zero een vrijgeleide. De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat hij wél in zijn eigen kost voorziet. Ik kan immers niet koken en een voedselvergiftiging past niet in zijn planning. Noch in die van mij trouwens. Ik heb artikels te schrijven en shoots te regelen. Hij heeft badjes te nemen en videogames te spelen. Dus kookt hij pompoensoep voor een heel leger, zet liters thee en brouwt vitaminecocktails sterk genoeg om zelfs de diepste winterdip te genezen. Die dient hij kuchend op in kamerjas, terwijl ik mijn ontplofte inbox verder uitspit met één hand voor de mond. Handig toch, zo’n zieke vent.

Meer columns van Catherine:

Nog 1 stap voor je onze desktop-meldingen kan ontvangen!

Geef je browser toestemming om je desktop-meldingen van Flair te sturen.