Gen F

Join onze community en krijg extra toegang tot artikelen, deel jouw verhaal & ...
OCD
© Unsplash

‘Mijn dwangstoornis is allesbepalend en heeft ontzettend veel van mijn leven afgepakt.’

Lola (27) vecht non-stop tegen OCD: ‘Als een onbekende mij aanraakt, ben ik soms maandenlang in paniek’

Twee tot drie procent van de mensen heeft OCD (een obsessief-compulsieve stoornis), vermeldt de site van UZ Leuven. Lola (27) vecht non-stop tegen dwanghandelingen én -gedachten en vertelt over de impact van de stoornis op haar leven.

‘Door de gevolgen van een posttraumatische stressstoornis (PTSS) ontwikkelde ik op mijn twaalfde een dwangstoornis. Bij PTSS ervaart het brein een grote mate van controleverlies en gaat het bijgevolg vaak op zoek naar controle. Een dwangstoornis gaat meestal hand in hand met controle, vandaar dat PTSS die aandoening kan triggeren, ook al hoeft het dwangthema niets met onderliggende trauma’s te maken te hebben.’

‘Als kind heb ik structureel dingen meegemaakt die geen mens ooit zou mogen ervaren of zien. Daardoor leefde ik altijd in extreme angst en was er non-stop een gevoel van machteloosheid. Niemand was daarvan op de hoogte. Ik zweeg, tot ik op volwassen leeftijd de hulp van een psycholoog inschakelde en haar in vertrouwen nam. Zij stelde vast dat ik al PTSS had opgelopen voor mijn zesde levensjaar.’

‘Door mijn PTSS heb ik een obsessiefcompulsieve stoornis ontwikkeld en die heeft tot vandaag een gigantische impact op mijn leven. Van mijn twaalfde tot mijn eenentwintigste mocht ik van mijn dwangstoornis – buiten de uren die ik op school doorbracht – niets anders doen dan mijn dwanghandelingen. Elke nacht zette ik ten laatste om halfvier mijn wekker om te kunnen starten met dwang.’

‘Leuke dingen doen, zoals afspreken met vriendinnen of tv-kijken, mocht ik jarenlang niet meer, want elke wakkere seconde van mijn dag moest aan mijn dwang gewijd zijn. Zelfs eten en tandenpoetsen deed ik tijdens mijn dwanghandelingen. Na vijf jaar stortte ik volledig in en volgde de diagnose van een burn-out.’

‘Pas op mijn 21ste durfde ik hulp te zoeken en kreeg ik te horen dat ik een dwangstoornis heb. Tot dat moment geloofde ik mijn dwangangsten en was ik ervan overtuigd dat die realistisch waren. Ik was me er wel van bewust dat mijn gedrag niet normaal was, aangezien anderen dat niet deden en ik er enorm onder leed, maar ik dacht dat dat aan mij lag. Bovendien was ik bang dat als ik hulp zocht, ik met mijn dwang zou moeten stoppen en mijn dwangangsten zouden uitkomen.’

Verschillende dwanghandelingen

‘Er wordt meestal aangenomen dat mensen met een dwangstoornis slechts één thema hebben, maar niets is minder waar. Bij mij is dwang altijd aanwezig, het is als het ware mijn schaduw. Bij alles wat ik onderneem, komen er heel uiteenlopende dwanggedachten op, al zijn er vier thema’s waar ik het meeste last van heb, namelijk smetvrees, controledwang, moreel smetvrees en sensorimotore OCD (een vorm van dwang waarbij mensen niet kunnen stoppen met het focussen op en zich bewust zijn van bepaalde lichaamsfuncties, red.).’

‘De eerste twee bestaan voornamelijk uit fysieke dwanghandelingen. Zo heb ik bijvoorbeeld een extreme angst om besmet te raken met infectieziektes. Niet omdat ik bang ben om zelf ziek te worden, maar omdat ik extreem angstig ben om anderen op mijn beurt te besmetten en ernstig ziek te maken. Als een onbekende mij per ongeluk aanraakt, ben ik soms maandenlang in paniek en mag ik van mijn dwang niet meer in de buurt van mijn ouders komen. Mijn dwang is er op dat moment van overtuigd dat ik met elke ziekte besmet ben, die kan doorgeven en daarmee de dood van anderen zal veroorzaken.’

‘De angst die dat bij mij oproept, is allesbepalend. Ook mag ik van mijn smetvrees onder meer geen mensen in mijn huis binnenlaten, heb ik een extreem tijdrovende schoonmaakdwang en zijn er nog ontelbaar veel dwanghandelingen en vermijdingsgedragingen die ik elke dag moet doen. Door mijn controledrang moet ik alles wat ik doe ontelbaar vaak controleren, herhalen en volgens allerlei rituelen uitvoeren. Dat kan gaan over het dertig uur lang opstellen en controleren van een eenvoudig mailtje tot het oneindig vaak checken of de deur wel op slot is, maar er zijn – zonder overdrijven – dagelijks nog wel duizend andere dwanghandelingen die ik vanuit (controle)dwang doe.’

Mijn mentale dwang is onzichtbaar, maar is er de klok rond. Ik heb geen seconde mentale rust.

‘Moreel smetvrees en sensorimotore OCD bestaan dan weer vooral uit mentale dwanghandelingen en voor mij voelt dat type nog veel heftiger dan mijn fysieke dwang. Ik heb moreel smetvrees, waardoor ik ongelofelijk bang ben om per ongeluk iets moreel verwerpelijks te doen en een slecht persoon te zijn die andere mensen pijn doet. Daarom overloop ik in mijn hoofd non-stop heel mijn leven om na te gaan of ik mogelijk iets fout heb gedaan. Ook heb ik schrik om met vriendinnen af te spreken, want stel dat hen onderweg iets overkomt, dan is dat volgens mijn dwang mijn schuld.’

‘Om af te sluiten is er nog sensorimotore OCD. In mijn geval heeft dat vooral met mijn denkproces te maken. Ik ben vanuit angst extreem geobsedeerd geraakt door mijn denkproces, waardoor ik mijn gedachten non-stop check. Dat neemt mij compleet over en zorgt op zijn beurt ook weer voor angst en uitputting. Voor de buitenwereld lijkt dat waarschijnlijk het minst heftige thema omdat ik geen fysieke handelingen moet doen, maar voor mij is dit veruit het heftigste. Gelukkig gaat het op dat vlak intussen wat beter, maar het heeft me tot totale wanhoop gedreven.’

Mentaal boven fysiek

‘Mijn mentale dwang is onzichtbaar, maar is er de klok rond. Elke seconde van elke dag toeteren de meest uiteenlopende en angstige dwanggedachtes in mijn hoofd en voer ik mentale dwanghandelingen uit. Ik ben niet in staat om een seconde mentale rust te voelen, me te focussen op iets anders of even in gedachten af te dwalen.’

‘Op een gegeven moment heeft dat tot ernstige suïcidaliteit geleid. Ik had een doodswens, met onder andere een gedwongen en gesloten opname tot gevolg. Het was niet meer vol te houden. Omdat in periodes dat mijn mentale dwang het grootst is mijn fysieke dwang soms in uren afneemt, lijkt het voor de buitenwereld vaak wat beter met mij te gaan. Ik lijk kalm, heb fysiek meer rust en mijn dwang is minder zichtbaar, maar in werkelijkheid voelt die mentale dwang nog veel zwaarder voor mij dan de fysieke dwang.’

‘Bij die laatste heb ik namelijk het gevoel dat ik nog enige mate van controle heb en dat ik iets kan doen tegen mijn angst, ook al kost dat mijn gezondheid en alle uren van mijn dagen. Tegenover mentale dwang sta ik een pak machtelozer, want ik kan niets actief doen om controle te krijgen en de risico’s van mijn angsten te verlagen. Hoe meer ik het probeer, hoe erger het wordt…’

Mijn dromen, zoals een relatie en kinderen, zijn door mijn dwangstoornis of OCD en alle gevolgen daarvan heel onzeker.

‘Het hoeft je dan ook niet te verbazen dat mijn dwangstoornis allesbepalend is en ontzettend veel van mijn leven heeft afgepakt. Ik droomde als kind van een carrière als politieagente, maar ik ben volledig afgekeurd door mijn dwangstoornis in combinatie met een chronische lichamelijke ziekte. Ook andere dromen, zoals een relatie en kinderen, zijn door mijn dwangstoornis en alle gevolgen daarvan heel onzeker.’

‘Een relatie aangaan betekent controle loslaten en delen, wat lastig is voor iemand met dwang. Gezien de ernst van mijn dwang en chronische ziekte is kinderen krijgen momenteel onhaalbaar. Bovendien brengt het ouderschap extra verantwoordelijkheden met zich mee, wat ervoor kan zorgen dat ik dwangmatig “overbeschermend” zal worden ten opzichte van mijn kinderen. Mijn kinderwens geef ik echter nog niet op. Ik wil dolgraag mama worden, al vind ik wel dat het eerst wat beter met mij moet gaan.

OCD met 25 procent verbeterd

‘Ik weet niet wat de toekomst brengt. Ik vind het heel lastig om daarover na te denken, want ik ben bang dat de dwang altijd aanwezig zal blijven, maar tegelijkertijd ben ik positief en hoopvol. Door de jaren heen heb ik diverse therapieën en medicatie geprobeerd. Ik heb het gevoel dat mijn levenskwaliteit gaandeweg met 25 procent is verbeterd en de medische wereld blijft verder evolueren. Een doodswens heb ik gelukkig niet meer, maar ik wil nog altijd niets liever dan dat mijn dwang voorgoed verdwijnt.’

‘Als men mij 100 miljoen euro zou bieden, komt dat niet eens in de buurt van wat het voor mij zou betekenen om dwangvrij te zijn. Dat zou mijn ticket naar vrijheid betekenen, want op dit ogenblik ben ik de gevangene van mijn dwangstoornis. Voorlopig hou ik mijn dwang zo veel mogelijk geheim. Dat heeft te maken met de angst om iemand tot last te zijn en de enorme schaamte die ik erover voel. Maar er is ook de angst voor onbegrip. Veel mensen snappen de impact en hardnekkigheid van dwang niet. Vaak wordt het geminimaliseerd, ermee gelachen en/of wordt er aangegeven dat ze dan ook een dwangstoornis hebben omdat ze meermaals controleren of het gasfornuis wel uit staat…

‘Elke persoon heeft zijn dwangmatigheden en controleert soms overmatig, maar dat betekent niet dat je een dwangstoornis hebt. Met mijn verhaal hoop ik meer inzicht te geven en het vooroordeel dat mensen met psychische klachten lui en ongemotiveerd zijn te ontkrachten, want juist het tegenovergestelde is meestal waar. “Was je dat maar, dan was het nooit zo ver gekomen met je dwangstoornis. Een dwangstoornis is intensiever dan een voltijdse job”, zei mijn therapeut ooit. Ik denk oprecht dat ze gelijk heeft.’

Heb je nood aan een gesprek, dan kan je terecht bij de Zelfmoordlijn op het nummer 1813 of via zelfmoord1813.be.

Lees ook:

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content

' ' '

Commerciële boodschap