Home Straf Verhaal Melissa (30) en haar man toeren met de botsauto’s langs alle dorpskermissen

Melissa (30) en haar man toeren met de botsauto’s langs alle dorpskermissen

'Ik voel me de rijkste vrouw ter wereld. Mijn job is mijn passie, ik ben mijn eigen baas en ben de hele dag bij mijn gezin.'

Wie kermis zegt, denkt meteen aan de flosh, een pak smoutebollen en een ritje op de tonen van de Lambada. Voor Melissa (30) komt er veel meer bij kijken. Zij is foorkramer in hart en nieren en trekt met haar attractie de wijde wereld rond.

‘Dat mijn ouders botsauto’s hadden, vond ik geweldig als puber. Het was de place to be voor de jeugd. In elk dorp leerde ik nieuwe vrienden kennen. Ik vond het fantastisch om “erbij te horen” wanneer de coole jongeren tegen de ijzeren leuningen van de attractie hingen. Wanneer mijn klasgenoten vooroordelen hadden over het beroep van mijn ouders, nodigde ik hen graag uit om te tonen hoe leuk ons huis op wielen wel was. Nu baten mijn man en ik het kraam zelf uit en hoop ik dat ons zoontje van vier net zo trots op ons wordt. Misschien wil hij later de traditie wel verderzetten. Al zal dat – net zoals bij mij – zijn eigen vrije keuze zijn.’

In hart en nieren

‘Dat mijn man – die niet uit een kermisfamilie komt – met me wil rondtrekken, is een godsgeschenk. Het foorleven stroomt nu eenmaal door mijn aderen. 24 kermissen, 36 weken per jaar leef ik voor het moment waarop we de attractie kunnen openen. En ja, daar komt meer bij kijken dan kaartjes verkopen. Op woensdag stellen we op. Donderdag wordt er grondig gepoetst en gekeurd en van vrijdag tot maandag is ons kraam in volle actie. Maandagnacht breken we af. Dan plooien we onze attractie samen tot het een grote aanhangwagen wordt. Op dinsdag bollen we naar het volgende dorp. Tussendoor doe ik het huishouden, kook ik elke middag een verse maaltijd, maken we de administratie in orde, doen we de boekhouding en zorgen we voor ons zoontje.’

Tussendoor doe ik het huishouden, de administratie en de boekhouding en zorgen we voor ons zoontje.

‘Het grote voordeel? Ons werk is zelden meer dan vijf stappen verwijderd van ons huis. Mijn gezin en ik leven in een woonwagen van veertien meter, met een uitschuifbare keuken en woonkamer. Die woonwagen staat altijd naast de attractie, wat de combi werk-gezin een pak evidenter maakt. Je kan zo’n huis op wielen vergelijken met een klein appartement. Ik heb net zoals andere mensen een badkamer, leefruimte, wasplaats met wasmachine, slaapkamer, centrale verwarming op aardgas, een boiler voor warm water en eigen elektriciteit. En in plaats van één vaste stek, hebben wij een vierentwintigtal woonplaatsen. Als we met onze woonwagen een dorp binnenrijden, voelt dat elke week weer als thuiskomen. Overal hebben we vrienden en onze vaste standplaatsen voelen heel vertrouwd.’

Kassa-kassa

‘Veel vrije tijd, hobby’s of vakantie hebben we niet. Tijdens de winterstop zijn we volop in de weer met het onderhoud van onze attractie en door het nomadenbestaan is het moeilijk om je te engageren voor een sport- of hobbyclub. Als we er toch eens tussenuit trekken, bezoeken we een pretpark of gaan we een weekje naar Disneyland. Zelfs in onze vrije tijd krijgen we niet genoeg van de attracties.’

Ik ben mijn eigen baas en ik ben de hele dag bij mijn gezin. Wat wil een mens nog meer?

‘Verder heeft het kermisleven voor mij maar enkele nadelen. Je inkomen is vaak afhankelijk van externe factoren, zoals bijvoorbeeld het weer of wegenwerken. Alles wordt ook duurder, terwijl de inkomsten dalen. Vroeger was de kermis het enige vertier in de kleine dorpen. Nu word je overspoeld door festivals en evenementen. Toch voel ik me een van de rijkste vrouwen ter wereld. Mijn job is mijn passie. Ik ben mijn eigen baas en ik ben de hele dag bij mijn gezin. Elke week ontmoet ik nieuwe mensen en geen twee dagen zijn ooit hetzelfde. Bovendien geeft rondtrekken me een onbeschrijflijk gevoel van vrijheid. Alsof dat niet genoeg is, kunnen we zo vaak als we willen in de botsauto’s. Wat wil een kermisvrouw nog meer?’

Peis en vree

‘Het meest memorabele moment als foorkramer, was de doop van ons zoontje. De priester bracht het doopvont mee naar de attractie en we gaven achteraf een groot feest in de botsauto’s. Een uniek doopsel met heel veel ambiance. Na al die jaren zou je denken dat die muziek en kermisgeluiden m’n oren uitkomen. Eigenlijk merk ik ze zelfs niet meer op. Ook mijn zoontje slaapt erdoor als we hem in het weekend te slapen leggen in de woonwagen die vlak naast de kermis staat.’

Er heerst een groot gevoel van loyaliteit en vriendschap in de kermiswereld. Iedereen kent elkaar ook.

‘Omdat we meestal de enige botsauto’s op een dorpskermis zijn, heb ik ook van harde concurrentie weinig last. Bij andere kermisklanten heerst er weleens competitie. Iedereen wil de hoogste inkomsten, het mooiste kraam en het meeste volk aan de kassa. Tja, we zijn allemaal zelfstandigen die hun boterham willen verdienen en soms is het knokken om uit de kosten te komen. Toch heerst er ook een soort loyaliteit en vriendschap in de kermiswereld. Iedereen kent elkaar bij naam of op z’n minst van horen spreken. We zijn één grote familie met hetzelfde doel: mensen een leuke tijd bieden.’

Meer straffe verhalen: 

Jobs

Nog 1 stap voor je onze desktop-meldingen kan ontvangen!

Geef je browser toestemming om je desktop-meldingen van Flair te sturen.