Home Lifestyle Food YUM: 5 klassieke bakrecepten en hun veganistische tegenhangers

YUM: 5 klassieke bakrecepten en hun veganistische tegenhangers

Julie Van den Driesschen en Denise Kuppens, bekend van 'Bake Off Vlaanderen', verzamelden hun favoriete recepten in het splinternieuwe boek 'Dubbel zo lekker'.

bakrecepten
© Bas Bogaerts

Julie Van den Driesschen en Denise Kuppens, bekend van ‘Bake Off Vlaanderen’, sloegen de handen in elkaar en verzamelden hun beste bakrecepten in het splinternieuwe boek ‘Dubbel zo lekker’. Julie zorgde voor de klassiekers en Denise voor de veganistische tegenhangers. Dit zijn onze 5 favorieten.

1 / 10
KLASSIEK: cinnamon buns
VEGAN: cinnamon buns met pompoen en pecannoten
KLASSIEK: overnight verloren brood
VEGAN: briocheharten
KLASSIEK: bosbessenmuffins met citroen
VEGAN: matchamuffins met frambozen
KLASSIEK: frisse kaastaart met ricotta
VEGAN: kokoscheesecake met ananas
KLASSIEK: de ultieme american cookies
VEGAN: pindakaaskoeken met chocolade
KLASSIEK: cinnamon buns
KLASSIEK: cinnamon buns

Wat heb je nodig? 

Voor de kaneelrollen

– 380 g volle melk

– 90 g boter

– 90 g zeer fijne witte kristalsuiker

– 11 g droge gist

– 650 g witte broodbloem

– 1 tl zout

– 1 el kardemom

Voor de vulling

– 120 g zachte boter

– 140 g lichtbruine suiker

– 8 flinke el kaneel

Voor de topping

– 120 g zachte boter

– 120 g roomkaas

– 160 g poedersuiker

– 1 el vanille-extract

– paar druppels citroensap

– scheutje volle melk

Hoe maak je het?

1. Doe de melk en boter in een kommetje en warm op in de magnetron tot de boter gesmolten is. Voeg de suiker toe en roer kort. Het mengsel moet ongeveer 36 ºC warm zijn (lichaamstemperatuur). Voeg het zakje gist toe, roer kort en laat 10 minuutjes staan tot de gist begint te werken (een schuimlaagje krijgt).

2. Doe in een andere grote mengkom bloem, zout en kardemom. Voeg het gistmengsel daar in één keer aan toe en roer met een houten lepel tot alles mooi gemengd is.

3. Haal het deeg uit de mengkom en kneed kort tot het elastisch is.

4. Leg het deeg terug in de mengkom, dek af met vershoudfolie en laat anderhalf uur rijzen op een warme, tochtvrije plaats.

5. Het volume moet nu verdubbeld zijn. Neem het deeg uit de mengkom, strooi wat tarwebloem op je werkvlak en kneed het deeg kort.

6. Rol het uit met de deegroller tot een brede rechthoek met een dikte van circa 1 cm.

7. Verdeel de zachte boter over het deeg (gebruik hiervoor je handen of een borsteltje). Bestrooi met lichtbruine suiker en (véél!) kaneel.

8. Rol het deeg op van beneden naar boven tot je een lange worst krijgt.

9. Snijd het deeg in 12 gelijke stukken; de breedte van 1 kaneelrol is ongeveer 4 cm. Je ziet nu de mooie lijnen van de kaneel terug in je broodje.

10. Vet een rechthoekige bakvorm in met bakspray en leg de 12 rollen in de bakvorm met de snijkanten naar boven.

11. Dek opnieuw af met vershoudfolie en laat nog 1 uur rijzen op een warme, tochtvrije plaats.

12. Verwijder de folie en bak de broodjes af in een voorverwarmde oven van 180 ºC gedurende 25-30 minuten.

13. Klop de zachte boter samen met de roomkaas luchtig in de keukenmachine of met een garde.

14. Voeg poedersuiker, vanille-extract, citroensap en melk toe. De topping mag niet te lopend zijn, want je wilt dat deze mooi op je kaneelrol blijft kleven.

15. Werk je kaneelrollen af met deze heerlijke roomkaastopping. Wees zeker niet zuinig, de topping maakt de broodjes alleen maar lekkerder!

VEGAN: cinnamon buns met pompoen en pecannoten
VEGAN: cinnamon buns met pompoen en pecannoten

Wat heb je nodig? 

Voor de kaneelrollen

– 250 ml amandelmelk

– 30 g plantaardige boter

– 7 g droge gist

– 1 el suiker

– 1⁄2 tl kaneel

– 1 tl pumpkin spice (of een mix van kaneel, nootmuskaat en gember)

– 75 g pompoenpuree

– 380 g patisseriebloem

– 1⁄4 tl zout

– scheutje neutrale plantaardige olie (bijvoorbeeld zonnebloem of maïs)

Voor de vulling

– 35 g plantaardige boter

– 115 g pompoenpuree

– 70 g suiker + extra voor het bestrooien

– 2 el kaneel

– 1 el pumpkin spice (of een mix van kaneel, nootmuskaat en gember)

– 65 g pecannoten

Voor de topping

– 125 g poedersuiker

– 2-4 el water

Hoe maak je het?

1. Verwarm de melk met de boter op een laag vuur tot de boter gesmolten is. Laat afkoelen tot het mengsel aanvoelt als lichaamstemperatuur (ongeveer 36 ºC).

2. Giet het mengsel in een kom en voeg de gist en de suiker toe. Laat 10 minuten staan tot de gist bruist.

3. Voeg de kruiden toe en roer alles kort door. Voeg de pompoenpuree toe en meng kort door elkaar.

4. Voeg in zes keer de bloem toe en laat de mixer ondertussen op lage snelheid kneden. Indien je geen mixer hebt, kun je de bloem beetje bij beetje door het gistmengsel roeren met een houten lepel. Voeg als laatste het zout toe en kneed het mengsel goed door.

5. Vet een andere kom in met een scheutje olie en leg het deeg in deze kom. Dek de kom af met vershoudfolie of een vochtige handdoek en laat op een warme plaats gedurende 45 minuten tot 1 uur rijzen tot het deeg in volume verdubbeld is.

6. Verwarm ondertussen de heteluchtoven voor op 175 ºC. Vet een springvorm in met plantaardige bakspray en bekleed de bodem met bakpapier.

7. Doe de boter, pompoenpuree, suiker en kruiden voor de vulling in een foodprocessor of blender en mix tot het gemengd is.

8. Bestuif je werkvlak met bloem (gebruik voldoende, het deeg is plakkerig!) en stort het gerezen deeg uit de kom. Bestuif een deegroller met voldoende bloem en rol het deeg uit tot een grote, dunne rechthoek met een dikte van ongeveer 1 cm.

9. Bestrijk het deeg gelijkmatig met de vulling en verdeel het grootste deel van de pecannoten over de vulling. Houd de rest van de noten opzij voor de afwerking.

10. Rol het deeg op tot een lange worst; start aan de lange zijde van de rechthoek. Snijd het deeg met behulp van een groot, scherp mes in stukken van ongeveer 5 cm. Maak het mes tussendoor nat om te voorkomen dat het deeg aan het mes blijft plakken.

11. Schik de rolletjes in de springvorm met het spiraalpatroon naar boven. Bestrooi met een beetje suiker en de overgebleven pecannoten.

12. Dek de springvorm af met vershoudfolie en laat op een warme plaats nog 15 tot 30 minuten rijzen.

13. Bak de buns in een voorverwarmde oven gedurende 30 tot 40 minuten tot ze aan de bovenkant goudbruin en krokant zijn.

14. Laat na het bakken minstens 10 minuten afkoelen op een rooster voor je de buns uit de vorm haalt.

15. Zeef de poedersuiker boven een kom. Voeg het water geleidelijk toe en roer tot een dik, glad glazuur.

16. Breng het glazuur aan op de buns door met een lepel heen en weer te bewegen en het glazuur te verdelen.

KLASSIEK: overnight verloren brood
KLASSIEK: overnight verloren brood

Wat heb je nodig? 

Voor het verloren brood

– 700 g (oud) witbrood

– beetje boter om in te vetten

– 125 g frambozen

– 125 g bramen

– 125 g zure bessen

– 125 g bosbessen

– 150 g roomkaas

– 8 eieren

– 200 g volle melk

– 200 g room 40%

– 100 g lichtbruine suiker

– 1 tl zout

– 2 tl vanille-extract

– zeste van 1 sinaasappel

– esdoornsiroop (optioneel bij afwerking)

Voor de crumble

– 100 g patisseriebloem

– 55 g havermout

– 80 g lichtbruine suiker

– 1⁄2 tl zout

– 1 tl kaneel

– 110 g koude boter in stukjes

Hoe maak je het?

1. Snijd het brood in blokjes van 2 bij 2 cm. Gebruik bij voorkeur een ongesneden brood.

2. Vet een grote bakplaat in met boter en verdeel het brood erover. Verdeel daarover het fruit en schep er 8 bolletjes roomkaas op.

3. Meng in een grote kom eieren, melk, room, suiker, zout, vanille-extract en sinaasappelzeste. Klop alles goed los en verdeel over de bakplaat.

4. Dek de bakvorm af met vershoudfolie en plaats in de koelkast (bij voorkeur een nacht).

5. Doe bloem, havermout, suiker, zout en kaneel in een grote kom. Voeg de koude stukjes boter toe en bewerk met je handen tot je een soort broodkruim krijgt. Bewaar dit tot gebruik in de koelkast.

6. Neem het verloren brood en de crumble uit de koelkast. Verdeel de crumble over de bakvorm en bak het geheel in 35 minuten (of tot de crumble mooi goudbruin ziet) in een voorverwarmde oven van 180 ºC (hetelucht). Werk naar eigen smaak eventueel nog af met wat esdoornsiroop.

VEGAN: briocheharten
VEGAN: briocheharten

Wat heb je nodig? 

– 260 ml sojamelk

– 7 g droge gist

– 380 g witte broodbloem

– 60 g poedersuiker, plus extra voor de afwerking

– 5 g zout

– 70 ml neutrale plantaardige olie + extra scheutje om in te vetten

– circa 20 vegan speculaasjes

– circa 3 el plantaardige boter

– 150 g frambozen

Hoe maak je het?

1. Verwarm de sojamelk op een laag vuur tot lichaamstemperatuur (ongeveer 36 ºC). Voeg de gist toe en laat 10 minuten staan tot de gist begint te bruisen.

2. Zeef bloem, suiker en zout boven een kom. Voeg de olie toe en mix of meng met een houten lepel tot een kruimelige massa ontstaat. Laat de mixer het deeg gedurende 5 minuten op lage tot gemiddelde snelheid kneden of kneed 10 minuten met de hand. Voeg geleidelijk het gistmengsel toe.

3. Laat de mixer vervolgens het deeg opnieuw gedurende 5 minuten op hoge snelheid kneden; het deeg zal een bol gaan vormen. Of kneed het deeg opnieuw 15 minuten met de hand tot het zacht en elastisch is.

4. Vet een andere kom in met een scheutje olie en doe het deeg erin. Dek de kom af met vershoudfolie of een vochtige handdoek en laat gedurende 60 tot 90 minuten rijzen op een warme plaats. Kijk af en toe naar het deeg; het moet in volume verdubbelen.

5. Maak ondertussen de speculaasvulling. Verkruimel de speculaasjes in een blender en mix de boter erdoor. Voeg eventueel extra boter toe tot je een smeerbare pasta verkrijgt.

6. Bekleed twee bakplaten met bakpapier.

7. Stort het deeg uit op een met bloem bestoven werkvlak en duw met je vingers de lucht eruit. Bestuif een deegroller met bloem en rol het deeg uit tot een grote rechthoek. Bestrijk het deeg met de speculaasvulling. Snijd de frambozen in kleine stukjes en verdeel over de vulling.

8. Rol het deeg aan beide lange zijden op naar het midden van de rechthoek, zodat je twee lange worsten naast elkaar krijgt. Snijd de worsten in stukken van ongeveer 3 cm breed. Neem de dubbele rolletjes en leg ze op de bakplaat. Geef ze de vorm van een hartje door de onderkant samen te duwen in een punt.

9. Dek af met vershoudfolie en laat opnieuw 15 minuten rijzen. Verwarm intussen de heteluchtoven voor op 160 ºC.

10. Verwijder de folie en bak de briocheharten gedurende 30 minuten tot ze goudbruin zijn.

11. Laat kort afkoelen op de bakplaat zodat de vulling zich kan zetten. Laat vervolgens afkoelen op een rooster.

12. Bestrooi voor het serveren met poedersuiker.

KLASSIEK: bosbessenmuffins met citroen
KLASSIEK: bosbessenmuffins met citroen

Wat heb je nodig? 

– 250 g zelfrijzend bakmeel

– 1 tl bakpoeder

– 185 g zeer fijne witte kristalsuiker

– 1⁄2 tl zout

– 1 ei

– 120 g zonnebloemolie

– 70 g volle melk

– 2 tl vanille-extract

– 250 g verse bosbessen

– zeste van 1 citroen

– 100 g parelsuikertjes (als afwerking)

Hoe maak je het?

1. Bekleed een muffintray met 12 papieren muffinvormpjes.

2. Doe bakmeel, bakpoeder, suiker en zout in een mengkom.

3. Maak een kuiltje in het midden en voeg ei, olie, melk en vanille-extract toe.

4. Meng kort met een pannenlikker.

5. Voeg als laatste de bosbessen en zeste van citroen toe.

6. Doe het beslag in een muffintray en werk af met 1 eetlepel parelsuikertjes per muffin. Wees royaal; dit zorgt na het bakken voor een extra krokant korstje.

7. Bak de muffins in een voorverwarmde oven van 180 ºC gedurende circa 25 minuten.

VEGAN: matchamuffins met frambozen
VEGAN: matchamuffins met frambozen

Wat heb je nodig? 

Voor de muffins

– 1⁄2 citroen

– 250 ml sojamelk

– 1 tl appelciderazijn

– 250 g patisseriebloem

– 2 tl bakpoeder

– 1⁄2 tl baksoda

– 1⁄2 tl zout

– 2 el matchapoeder (groene- theepoeder)

– 150 g suiker

– 125 ml neutrale plantaardige olie

– 2 tl vanille-extract

– 150 g frambozen

Voor de topping

– 125 g poedersuiker

– 2-4 el water

– 1 el matchapoeder (groene- theepoeder)

– enkele pistachenoten of gedroogde frambozen (naar keuze, voor de afwerking)

Hoe maak je het?

1. Bekleed een cupcake- of muffintray met 10 tot 12 papieren vormpjes. Verwarm de heteluchtoven voor op 180 ºC.

2. Pers de halve citroen uit tot je 1 eetlepel citroensap hebt. Doe de sojamelk in een maatbeker en voeg het citroensap en de appelciderazijn toe. Roer kort even door elkaar met behulp van een garde en zet enkele minuten opzij tot de melk begint te klonteren.

3. Zeef ondertussen de bloem drie keer. Dit zal helpen om de cake een luchtige structuur te geven! Voeg bakpoeder, baksoda, zout, matchapoeder en suiker toe aan de bloem. Meng kort door elkaar zodat de bloem groen kleurt door het matchapoeder.

4. Voeg de plantaardige olie en het vanille-extract toe aan de sojamelk en roer kort door elkaar.

5. Giet de natte ingrediënten bij de droge ingrediënten en meng voorzichtig door elkaar met behulp van een garde. Let op dat je het beslag niet te veel bewerkt, want het kan zijn dat de cake dan niet helemaal uitbakt. Roeren tot er geen bloem meer zichtbaar is, is voldoende. Enkele klonters in het beslag zijn normaal.

6. Schep telkens 1 flinke eetlepel beslag in elk muffinvormpje. Leg in elk vormpje 1 framboos en vul met de rest van het beslag. Snijd de rest van de frambozen doormidden en verdeel ze over de muffins door ze in het beslag te duwen.

7. Bak gedurende 20 tot 25 minuten in de oven tot de muffins terugveren als je erop duwt.

8. Laat 5 minuten afkoelen in de vorm. Laat de muffins vervolgens uit de vorm afkoelen op een rooster.

9. Zeef de poedersuiker boven een kom. Voeg het water geleidelijk toe en vervolgens ook 1 eetlepel matchapoeder. Roer tot een dik, glad glazuur.

10. Breng het glazuur met behulp van een lepel aan op de afgekoelde muffins. Bestrooi de muffins met enkele nootjes of versiering naar keuze.

KLASSIEK: frisse kaastaart met ricotta
KLASSIEK: frisse kaastaart met ricotta

Wat heb je nodig? 

Voor het zanddeeg

– 180 g patisseriebloem

– 120 g koude boter (in blokjes)

– 40 g gemalen amandelen

– 30 g zeer fijne witte kristalsuiker

– 1 ei

– zeste van 1 citroen of sinaasappel

Voor de vulling

– 250 g ricotta

– 65 g slagroom 40%

– 1 ei

– 1 eidooier

– 65 g fijne kristalsuiker

– zeste van 1 citroen

– zeste van 2 sinaasappels

Voor de lemon curd

– 4 g gelatine (ongeveer 2 blaadjes)

– 3 eidooiers

– 180 g zeer fijne kristalsuiker

– 100 g citroensap

– zeste van 3 citroenen

– 160 g boter (in blokjes)

Voor de topping

– 150 g mascarpone

– 100 g room 40%

– 100 g poedersuiker

– 60 g (zelfgemaakte) lemon curd

– zeste van 1⁄2 citroen

Hoe maak je het?

1. Meng de bloem met de stukjes koude boter en het amandelpoeder tot je een soort broodkruim krijgt.

2. Voeg de suiker toe en meng het ei erdoor.

3. Zet circa 2 uur in de koelkast voor gebruik.

4. Rol het zanddeeg uit tot een dikte van circa 4 mm en duw het plat op de bodem van een rechthoekige springvorm (10 × 35 cm).

5. Verkreukel een vel bakpapier, leg dit op het deeg en voeg bakparels toe.

6. Bak blind gedurende circa 15 minuten op 180 ºC.

7. Meng de ricotta en slagroom in een grote kom en voeg ei, dooier, suiker, en zeste van citroen en sinaasappel toe. Meng goed met een garde.

8. Haal de springvorm uit de oven en verwijder bakbonen en bakpapier. Giet nu de ricottavulling in de taart en plaats opnieuw voorzichtig in de oven. Bak de taart 30-35 minuten in een voorverwarmde oven van 180 ºC. (hetelucht).

9. Haal de taart uit de oven en laat afkoelen op kamertemperatuur. Eenmaal afgekoeld kan je de taart versieren met de lemon curd en mascarponetopping.

10. De lemon curd: week de blaadjes gelatine in koud water en zet opzij. Doe de eidooiers en suiker in een steelpan en klop goed los tot een lichtgele massa. Voeg vervolgens het sap en de zeste van de citroenen toe. Meng goed door met een garde en plaats op een laag vuur. Blijf erbij en roer zachtjes met een houten lepel tot je een iets dikkere massa krijgt. Zet het vuur niet te hoog, want dan krijg je roerei. De eidooiers zullen na een tijdje op een zacht vuurtje mooi binden tot een iets dikkere massa.

11. Haal de massa van het vuur en voeg – als de curd 80 °C is – de geweekte blaadjes gelatine toe. Roer met een garde. Vervolgens voeg je bij 50 °C een voor een de stukjes boter toe; meng met een pannenlikker tot de boter gesmolten is. Je moet nu een mooie, wat dikkige massa krijgen. Giet de curd in een pot en zet in de koelkast. Laat minstens 4 uur opstijven.

12. De mascarponetopping: klop mascarpone, slagroom, poedersuiker, lemon curd en zeste van citroen met een elektrische mixer luchtig tot een stevige crème. Doe de inhoud in een spuitzak en bewaar in de koelkast tot gebruik.

13. Zorg ervoor dat je taart volledig is afgekoeld en werk dan af met toefjes mascarponecrème en lemon curd.

VEGAN: kokoscheesecake met ananas
VEGAN: kokoscheesecake met ananas

Wat heb je nodig? 

Voor de bodem

– 90 g vegan (kokos)koekjes

– 45 g kokosrasp

– 20 g gedroogde ananasstukjes (optioneel)

– 60 g plantaardige boter

Voor de vulling

– 600 g kokosyoghurt

– 60 g maple syrup of agavesiroop

– 1 tl xanthaangom (optioneel)

– 20 g kokosrasp

– 4 g agaragar

– 125 g opklopbare plantaardige room

– 25 g poedersuiker circa

– 230 g ananasblokjes (uitgelekt, uit blik)

Voor de topping

– ananassap (uit blik)

1 g agaragar

– 1 el maple syrup

– 2 el water geschaafde kokos

Hoe maak je het?

1. Bekleed de bodem van een springvorm van 18 tot 20 cm met bakpapier. Je kunt de zijkanten bekleden met acetaatfolie om het ontvormen van de cheesecake te vergemakkelijken.

2. Doe de koekjes samen met de kokos en gedroogde ananas in een blender. Vermaal tot een fijne korrel. Smelt de boter en voeg toe aan de koekjes. Laat enkele seconden mixen in de blender.

3. Stort het mengsel in de springvorm en druk met behulp van de achterkant van een eetlepel aan tot de bodem een stevig geheel vormt. Plaats in de koelkast of vriezer om op te stijven.

4. Doe kokosyoghurt, maple syrup, xanthaangom (optioneel) en kokosrasp in een kom. Mix met behulp van een handmixer gedurende enkele minuten tot het een luchtig geheel vormt.

5. Meng de agaragar met een scheutje water in een kookpot en verwarm op het vuur tot het zacht begint te koken. Neem de pot van het vuur en voeg al roerend het yoghurtmengsel toe. Plaats de pot opnieuw op een gemiddeld vuur en breng al roerend aan de kook. Laat gedurende 2 minuten zachtjes doorkoken. Zet opzij en laat afkoelen.

6. Klop de room op tot zachte pieken. Voeg de poedersuiker toe en klop nog even door tot je stijve pieken krijgt. Controleer de temperatuur van het yoghurtmengsel. Het mag niet meer heet aanvoelen, ongeveer lichaamstemperatuur, maar moet wel vloeibaar zijn.

7. Vang het sap van de ananas op in een kom en zet opzij. Snijd de ananasblokjes in kleine stukjes. Schep een beetje van het afgekoelde yoghurtmengsel bij de opgeklopte room. Meng dit voorzichtig door elkaar met behulp van een spatel.

8. Giet nu de opgeklopte room bij de rest van de yoghurt en vouw alles voorzichtig met een spatel door elkaar tot het één geheel is. Neem de springvorm erbij en schep met behulp van een grote (soep)lepel de vulling op de bodem. Verdeel ondertussen de ananasblokjes erover. Vul de springvorm volledig met de yoghurtvulling.

9. Laat de cheesecake minstens 2 uur opstijven in de koelkast.

10. Breng opnieuw agaragar met een scheutje water aan de kook. Voeg ananassap, maple syrup en water toe en breng dit onder voortdurend roeren aan de kook. Laat het zachtjes 2 minuten doorkoken.

11. Stort de ananasgelei uit over de bovenkant van de cheesecake.

12. Laat de cheesecake opnieuw minstens 30 minuten afkoelen in de koelkast.

13. Ontvorm de cheesecake voorzichtig en breng wat geschaafde kokos aan ter decoratie.

KLASSIEK: de ultieme american cookies
KLASSIEK: de ultieme american cookies

Wat heb je nodig? 

– 120 g zachte boter

– 100 g zeer fijne witte kristalsuiker

– 100 g lichtbruine suiker

– 1 tl zout

– 2 tl vanille-extract

– 1 ei

– 175 g patisseriebloem

– 1⁄2 tl bakpoeder

– 1 tl maizena

– 160 g pure chocolade (in stukjes)

Hoe maak je het?

1. Meng de zachte boter met een pannenlikker met de witte en lichtbruine suiker tot je een lichtbruin beslag krijgt. Voeg zout, vanille-extract en ei toe en meng verder. Spatel de bloem, bakpoeder en maizena erdoor. Voeg als laatste de stukjes chocolade toe.

2. Leg dit beslag een kwartiertje in de koelkast, zodat je makkelijk bolletjes kunt rollen.

3. Gebruik een lepel (of ijsschep) en maak bolletjes van circa 35 g; leg ze op een bakplaat bekleed met bakpapier.

4. Bak de koekjes in een op 180 ºC voorverwarmde oven gedurende circa 12 minuten (indien je houdt van een zachte kern; heb je ze graag wat krokanter, bak ze dan 14 minuten).

5. Leg als ze net uit de oven komen 2 of 3 chocoladestukjes op de koekjes. Dit zorgt voor de typische look van een echt Amerikaans chocolate chip cookie.

VEGAN: pindakaaskoeken met chocolade
VEGAN: pindakaaskoeken met chocolade

Wat heb je nodig? 

– 115 g plantaardige boter

– 215 g (riet)suiker

– 125 g pindakaas

– 65 g appelmoes (zonder toegevoegde suiker)

– 1 tl vanille-extract

– 225 g patisseriebloem

– 1,5 tl bakpoeder

– 1⁄4 tl zout

– 200 g pure chocolade

– enkele gebroken pinda’s

Hoe maak je het?

1. Mix de boter, suiker en pindakaas tot een licht en romig mengsel met behulp van een mixer. Schraap het mengsel van de zijkanten van de kom en voeg de appelmoes en het extract toe. Mix het mengsel kort door elkaar.

2. Zeef in een aparte kom bloem, bakpoeder en zout. Laat de mixer op de laagste stand mixen en voeg beetje bij beetje de bloem toe aan het pindakaasmengsel, tot het zich tot een zacht deeg vormt. Wees voorzichtig en mix het deeg niet te lang!

3. Dek de kom af met vershoudfolie en laat het koekjesdeeg gedurende 1 uur rusten in de koelkast. Weinig tijd? 15 minuten in de vriezer kan eventueel ook!

4. Verwarm de oven voor op 190 ºC boven- en onderwarmte. Bekleed een bakplaat met bakpapier of een siliconen bakmat. Schep het deeg met behulp van een eetlepel op de bakplaat. Maak 6 hoopjes ter grootte van 2 eetlepels. Laat voldoende ruimte tussen de hoopjes! Gebruik je vingers om de hoopjes te vormen tot 6 platte, ronde schijven van 1 tot 2 cm dik.

5. Bak de koeken ongeveer 15 minuten of tot ze volledig goudbruin zijn.

6. Laat ze minstens 10 minuten afkoelen op de bakplaat zodat ze stevig worden. Laat ze vervolgens verder afkoelen op een rooster. Herhaal voor het overgebleven deeg.

7. Tempereer of smelt ondertussen de pure chocolade. Breng met behulp van een eetlepel de chocolade aan op de afgekoelde koeken.

8. Bestrooi de koeken met stukjes pinda voor een smakelijke afwerking. Plaats de koeken gedurende enkele minuten in de koelkast zodat de chocolade kan uitharden.

Deze en tal van andere klassieke bakrecepten en hun veganistische tegenhangers vind je in Julie Van den Driesschen en Denise Kuppens‘ nieuwste boek ‘Dubbel zo lekker’. Het boek werd uitgegeven bij Angèle en is hier online te bestellen voor slechts € 24,99.

Nog meer lekkers om klaar te maken: 

Jobs

Nog 1 stap voor je onze desktop-meldingen kan ontvangen!

Geef je browser toestemming om je desktop-meldingen van Flair te sturen.