Home Columns NANNY IN NEW YORK: De eerste sneeuwstorm

NANNY IN NEW YORK: De eerste sneeuwstorm

'Gehuld in - eindelijk - mijn ongelofelijk dikke jas, stevige sneeuwlaarzen en een sjaal zo lang en breed dat ik hem als handdoek kon gebruiken, waagde ik me op straat.'

© Instagram @JADE_DECOSTER

‘Je gaat zes maanden in New York wonen en werken als nanny.’ Twaalf woorden. Meer waren er niet nodig om haar leven een volledig andere wending te geven. Jade Decoster verhuisde een jaar geleden naar New York om daar als nanny te werken in een gezin met twee jongens. Elke week vertelt ze haar avonturen en verhalen aan Flair.

New York staat bekend om haar ijskoude winters en verzengende zomers. Ik had me dus voorbereid op muren van ijs en sneeuwhopen hoger dan auto’s, maar dat viel de eerste maand best wel mee. Ik was bijna teleurgesteld dat ik mijn ultradikke bergklimmersjas niet nodig had, of dat de twintig sjaals en handschoenen die ik in mijn koffer had gepropt eenzaam en ongebruikt in mijn kast bleven liggen. De dagen waren nat, droog, fris of belachelijk warm, maar sneeuw kreeg ik niet te zien. Tot begin februari, waarna ik nooit meer een vlok wilde zien.

Twee dagen voor De Sneeuwstorm zat ik met mijn roommate Leaanne, toevallig de liefste persoon ter wereld, naar het nieuws te kijken. Eigenlijk zat zij te kijken – ik was gefocust op mijn doel om een Amerikaans lief te vinden en alle mannen op Tinder te bekijken, zonder ook maar een beetje lef te hebben om met iemand af te spreken – toen een item over een komende sneeuwstorm verscheen.
‘Ohjee,’ mompelde Leeanne. ‘Sneeuw op komst.’
‘Mhm,’ beaamde ik, al luisterde ik totaal niet. ‘Christian’ van Tinder stuurde net een erg onchristelijk bericht waar al mijn focus op gericht was.
‘Jade,’ herhaalde Leeanne. Ik keek op; ik was al die Amerikaanse varkens op mijn Iphone een beetje moe gezien. ‘Sneeuw,’ zei ze en wees naar het scherm.
‘Ooh!’ Ik fleurde helemaal op. Ik miste een goede, witte winter in België wel. Grijze pus op de straten in Brussel was niet meteen het Winter Wonderland waar ik op zat te wachten. In de films zag een met sneeuw bedekt New York er altijd zo magisch uit.
Leeanne bekeek me met een gekke blik. Even dacht ik dat het was omdat ze Canadese was, en mijn voorliefde voor koude, witte straten moesten haar gek in de oren klinken. Maar daar was Leeanne veel te lief voor.
‘Ik denk dat je er weinig van zal kunnen genieten,’ zei ze.
‘Waarom?’ vroeg ik, net iets te agressief.
‘Snow Day,’ zei ze alleen.

Het is normaal dat New Yorkse scholen de deuren sluiten bij heel slecht weer (een zogenaamde ‘Snow Day’) en de kinderen thuis mogen blijven. Als kind is dat natuurlijk geweldig, en ik glimlachte toen de jongens de volgende dag enthousiast over de waarschijnlijke Snow Day kwebbelden. Mijn glimlach bevroor – see what I did there – echter toen ik me realiseerde dat elke vakantiedag voor de jongens een volledige extra werkdag betekende voor mij. Niet lekker blijven liggen tot 11u, een veel te grote bestelling plaatsen op Amazon (niemand, maar dan ook niemand heeft een zeemeerminsleutelhanger nodig. En toch gaf ik Amazon er met plezier geld voor) en de moeilijke keuze maken of ik Netflix bleef kijken of een tourtje door Central Park ging maken. Nee, nu moest ik opstaan om 6 uur, op de een of andere manier de jongens een hele dag amuseren en niet één maar TWEE maaltijden op tafel laten verschijnen. En dat zonder enige skills, want zelfs na anderhalve maand nanny spelen, stond ik nog elke dag knarsetandend voor de koelkast in de hoop dat er op magische wijze een pizzabezorger een gratis pizza kwam leveren, puur omdat ik zo betoverend ben en hij me eerder zag lopen op straat (spoiler: dat gebeurt niet, de hele periode dat ik in New York was niet).

Toen de Moeder thuiskwam, terwijl de jongens vochten om wie het eerst in bad moest, probeerde ik zo snel mogelijk weg te glippen. Als niemand me officieel zegt dat ik vroeger moet komen de volgende dag, hoef ik er ook niet te zijn, redeneerde ik. Maar ze was me uiteraard voor.
‘Jade’, zei ze. Met hangende schouders draaide ik me weer om. ‘Ik heb een mail gehad dat morgen de scholen sluiten. Kan je hier zijn om 7 uur?’
En, omdat ik geen andere keus had, glimlachte ik: ‘Natuurlijk.’

De volgende dag werd ik verward wakker. Het was nog donker buiten, maar mijn wekker blèrde al het hele gebouw uit bed. Nieuwsgierig keek ik uit het raam, verrukt om te zien dat Central Park in een sprookjesachtige laag sneeuw gehuld was. De vlokken vielen als dikke katoenwatten op straat, waar voor één keer geen tientallen joggers en hondenuitlaters te zien waren. De straat, heel New York naar mijn gevoel, was verlaten. Ik trok mijn neus op toen ik me herinnerde dat ik als enige zot me moest haasten om in de sneeuw te gaan ploeteren.

Gehuld in – eindelijk – mijn ongelofelijk dikke jas, stevige sneeuwlaarzen en een sjaal zo lang en breed dat ik hem als handdoek kon gebruiken, waagde ik me op straat. Ik was zo dik gekleed dat ik meer waggelde dan stapte, en de wind en sneeuw maakten de anders zo simpele wandeling van een kwartiertje een wild avontuur uit een goedkoop verhaal. De sneeuwlaag was al zo hoog dat ik het verschil tussen tussen het voetpad en de straat niet kon zien, waardoor ik ettelijke keren bijna op mijn gezicht lag. Maar daar stoorde ik me niet aan; dat gebeurde ook als er geen sneeuw lag.
Het duurde twee keer zo lang als normaal om het appartement van de jongens te bereiken, maar uiteindelijk was ik er. De Jongste stond al aan de deur te springen van opwinding om zijn vrije dag, terwijl de Oudste al helemaal in zijn eigen gamewereld zat met zijn PlayStation.
‘Is mama al weg?’ vroeg ik terwijl ik mijn jas uittrok en mijn haar uitschudde. Een blik in de spiegel vertelde me dat mijn mascara helemaal was uitgelopen door de sneeuw in mijn gezicht.
‘Ze slaapt nog,’ zei de Jongste doodserieus. Ik staarde hem aan. Verward staarde hij terug.
‘Moet ze niet werken?’ vroeg ik langzaam.
‘Het is Snow Day, dommie,’ antwoordde de Jongste even langzaam, alsof hij rekening moest houden met mijn mentale achterstand. Ik stond even op mijn lip te bijten van irritatie. Dus de Moeder bleef in feite de hele dag thuis, terwijl ik me onverantwoord door een SNEEUWSTORM waagde om hier zeven uur vroeger dan normaal te zijn?! Dit was niet de eerste keer dat ik moest werken terwijl de Moeder thuis was, wat me een serieuze uitbuiting van mijn onbetaalde job leek. Maar dit ging toch iets te ver. Ik voelde even de aandrang om buiten in de sneeuw wat af te koelen.
De dag verliep maar stilletjes. De Moeder werkte, de Oudste gamede en de Jongste protesteerde omdat we niet buiten gingen spelen, hoe vaak ik hem ook uitlegde dat het weer echt te slecht daarvoor was. Maar ik beloofde dat we de volgende dag naar Central Park gingen. Want de Moeder had net weer een mail gekregen: er werd een extra Snow Day aangekondigd. Dus mijn lijden was nog niet voorbij…

Tekst: Jade Decoster